Hoger onderwijsinstellingen investeren vaak fors in studentenmobiliteit en andere internationaliseringsactiviteiten die de ontwikkeling van interculturele competenties bij studenten moeten bevorderen. De verwachte meerwaarde van zulke projecten wordt vooral uitgedrukt in termen van carrièreperspectief, waarin interculturele competenties een centrale component vormen. Wat in veel internationaliseringsprojecten echter niet gebeurt, is nagaan in welke mate deze projecten ook echt het gewenste effect opleveren op de houding en het gedrag van de studenten. Vooral internationaliseringservaringen in verre bestemmingen vergen een substantiële investering van student en instelling, terwijl niet helemaal duidelijk is of studenten hierdoor ook daadwerkelijk intercultureel competenter worden. Mede om het leerrendement van internationalisering beter in kaart te brengen, is binnen Zuyd Hogeschool de Global Mind Monitor ontwikkeld, een kwantitatief meetinstrument dat zowel de effecten van internationalisering in eigen land als over de grenzen kan meten. In dit artikel gebruiken we recente data (2015-2016) van een eerste longitudinale pilot study bij 320 studenten met dit meetinstrument. Op basis van t-toetsen en meervoudige regressieanalyses onderzoeken we met name het belang van culturele afstand tot het gastland voor de ontwikkeling van interculturele competenties bij studenten. De analytische modellen bevestigen onze verwachting: hoe groter de culturele afstand tussen het thuisland en het gastland, hoe sterker het leereffect. Deze resultaten kunnen nuttige inzichten opleveren voor de verdere ontwikkeling van in internationalisering, zowel over de grens als ‘at home’.
DOCUMENT
Engels en andere vreemde talen kunnen als didactische lingua franca worden ingezet om interculturele competenties van leerlingen te helpen ontwikkelen. Engels wordt in online internationale communicatie veel gebruikt als voertaal of lingua franca. Recent onderzoek laat zien dat Engels en ook andere talen als didactische lingua franca in de vreemdetalenlessen kunnen worden ingezet om de interculturele communicatieve competenties van leerlingen in het voortgezet onderwijs te helpen ontwikkelen.
LINK
Dit document is een gezamenlijke uitgave van het Practoraat Internationalisering, ROC van Twente en De Haagse Hogeschool. Waar denk jij aan bij “internationalisering”? Aan ervaringen in het buitenland? Aan online samenwerken met studenten over de grens? Of misschien ook aan wereldburgerschap of de interculturele dimensie binnen burgerschap? De auteurs van deze publicatie denken bij het woord “internationalisering” aan het zorgen dat het onderwijs studenten voorbereidt op de wereld waarin we leven, leren en werken. Een wereld die internationaal verbonden is, in meerdere opzichten en op meerdere manieren. Het mbo bereidt studenten voor op hun rol in de maatschappij, het werkveld en de doorstroom naar een hoger onderwijsniveau. Binnen alle drie die opdrachten zitten internationale en interculturele dimensies. Denk aan het leven in een samenleving vol diversiteit: samen wonen, samen studeren, samen werken. Denk aan het zakendoen, bouwen en problemen aanpakken over de grenzen van onze regio en ons land heen. Al deze verschillende zaken vragen iets van mbo-studenten. En daar ligt, volgens de auteurs de rol van het onderwijs. Het begeleiden van deze studenten bij de ontwikkeling van internationale competenties om te kunnen floreren in de internationaal verbonden en intercultureel diverse wereld.
DOCUMENT
Doel van dit onderzoek is inzicht te verwerven in de mogelijke meerwaarde van studie of stage in het buitenland voor de ontwikkeling van de internationale competenties van studenten en de voorwaarden en factoren die van invloed zijn op de ontwikkeling van deze competenties. De hypothese daarbij is dat een verblijf in het buitenland om redenen van studie of stage inderdaad een bijdrage kan leveren aan deze ontwikkeling
DOCUMENT
Aanleiding voor deze position paper was het grote aantal vragen over de relatie tussen wereldburgerschap en internationalisering die we kregen van mbo- en hbo-docenten. Om te verduidelijken hoe wereldburgerschap en internationalisering leven onder mbo- en hbodocenten, hebben we een survey afgenomen in samenwerking met Nuffic en UNESCO Nederland. De resultaten bevestigen onze vermoedens: wereldburgerschap wordt vooral begrepen in termen van diversiteit of interculturele vaardigheden en internationalisering in termen van mobiliteit en, eveneens, interculturele vaardigheden. Respondenten zien een sterke relatie tussen wereldburgerschap en internationalisering, maar hebben uiteenlopende opvattingen over deze relatie. Terwijl sommigen wereldburgerschap als een onderdeel van internationalisering zien, denken anderen het tegendeel. Veel respondenten verbinden zowel internationalisering als wereldburgerschap met diversiteit, inclusie en interculturele vaardigheden. Voor wereldburgerschap is deze vernauwing problematisch omdat het daardoor apolitiek en ajuridisch wordt. Hiermee bedoelen we dat de politieke en rechtelijke dimensie van wereldburgerschap verdwijnt, terwijl die zo cruciaal is om als wereldburger te kunnen participeren. Voor internationalisering is het problematisch dat de aandacht zich nog steeds primair richt op mobiliteit voor een kleine minderheid van studenten in plaats van allereerst op internationalisering van het curriculum voor alle studenten. De kern van wereldburgerschap hebben we gedefinieerd als kritische participatie in een globaliserende wereld. Het laten oefenen van zulk wereldburgerschap betekent studenten toerusten met verschillende soorten kennis (real world knowledge) en het vermogen om kritisch na te denken, morele afwegingen te maken en te participeren in publieke discussies over globale en lokale maatschappelijke vraagstukken. Wereldburgerschap in het beroepsonderwijs betekent participatie oefenen, niet alleen als wereldburger, maar ook als beroepsbeoefenaar. Internationalisering Is gericht op pluriforme perspectieven uit andere landen, culturen en contexten. Een geïnternationaliseerd -en ‘geïnterculturaliseerd’ curriculum is relevant voor alle studenten omdat ze met deze dimensies te maken krijgen in hun beroepspraktijk en in de samenleving waarvan ze deel uitmaken. We hebben vervolgens omschreven en met voorbeelden geïllustreerd hoe, volgens ons, wereldburgerschap en internationalisering op een betekenisvolle manier zijn verweven. Zo doen we recht aan beide concepten en brengen tegelijkertijd de kwaliteit van het onderwijs een stap verder. In onze visie is de kern van deze verwevenheid dat we studenten uit verschillende disciplines/beroepen, culturen en landen groepsgewijs aan wicked (deel)problemen laten werken. Op deze wijze werken aan wereldburgerschap en internationalisering vraagt erom zorgvuldig de leeractiviteiten voor te bereiden: van de opdracht tot aan de doorvoering. Het vraagt er ook om dat docenten en studenten buiten de grens van de eigen discipline samenwerken (samenwerkend leren), ervaren wat het betekent om een kritische en democratische discussie te voeren en besluiten te nemen over mogelijke (deel)oplossingen, rekening houdend met diversiteit en inclusie en het lokale met het mondiale verbindend. Om de perspectiefwisseling nog te versterken raden we aan om COIL te gebruiken. Met deze position paper hopen we inzichten te hebben verschaft aan docenten die aan de slag willen met wereldburgerschap en internationalisering.
MULTIFILE
Om het onderwijs, de curricula, zo goed mogelijk af te stemmen op de benodigde internationale competenties is door middel van halfgestructureerde interviews en een online enquête onderzocht wat alumni van De Haagse Hogeschool en werkgevers in de regio voor ervaringen, wensen en behoeften hebben met betrekking tot internationale competenties. De uitkomsten laten zien dat internationale competenties van belang zijn voor het verkrijgen en uitoefenen van een functie. Er is vanuit werkgevers en alumni vooral vraag naar meer aandacht voor het ontwikkelen van talencompetenties, interculturele competenties en het stimuleren en faciliteren van een buitenlandervaring. Door op deze punten een verbeterslag te maken zou De Haagse Hogeschool de succeskansen op de arbeidsmarkt (employability) van de student en de eigen relevantie kunnen vergroten. To gear education and curricula to the necessary international competencies as effectively as possible, semi-structured interviews and an online survey were used to determine the experiences, desires and needs of alumni of The Hague University of Applied Sciences and local employers with regard to obtaining and performing a job. Employers and alumni primarily desire more attention to the development of language competencies, intercultural competencies and the stimulation and facilitation of international experiences. Making improvements in these areas would enable The Hague University of Applied Sciences to enhance its own relevance and increase students’ chances of success in the job market (employability).
DOCUMENT
Hogeronderwijsinstellingen hebben verschillende redenen voor internationalisering. Een van de belangrijkste redenen vormt de ontwikkeling van internationale competenties van studenten. Van de instrumenten die zij daartoe inzetten wordt een verblijf in het buitenland om redenen van studie of stage als een van de sterkste beschouwd. De toegevoegde waarde van een studie of stage in het buitenland is onderzocht onder de groep van studenten van De Haagse Hogeschool die in de jaren 2009-2010 en 2011-2012 naar het buitenland is geweest. Daarbij is gebruik gemaakt van een online vragenlijst, interviews na terugkeer uit het buitenland en een 360 gradenfeedback. De uitkomsten wijzen over het algemeen op een toename van de persoonlijke,sociale en interculturele competenties van studenten als gevolg van hun verblijf in het buitenland, evenals hun beheersing van een vreemde taal. In mindere mate geldt dit voor hun academische en professionele competenties. Een buitenlandverblijf om reden van stage, in het bijzonder wanneer studenten daarbij ondergedompeld worden in de lokale cultuur buiten Europa, laat een sterkere leercurve zien dan een buitenlandverblijf om redenen van studie. Studenten leren meer wanneer zij goed worden voorbereid en begeleid. Studenten tonen zich echter kritisch met betrekking tot de informatievoorziening, voorbereiding en begeleiding vanuit de opleiding. In die zin is er ruimte voor verbetering met betrekking tot het faciliteren en begeleiden van studenten voorafgaand aan, tijdens en na terugkomst van hun verblijf in het buitenland. Niet alleen kan daarmee de ontwikkeling van internationale competenties versterkt worden, ook zou daarmee het aantal studenten dat kiest voor een verblijf in het buitenland, vergroot kunnen worden. ABSTRACT Institutes of higher education are internationalizing for various reasons. One of the most important reasons is to provide their students international competencies. Of the instruments they deploy, the most powerful one is considered to be a period abroad for study or internship. The surplus value of to study or an internship abroad was investigated in the group of students of The Hague University of Applied Sciences who went abroad in the academic years 2009-2010 and 2011-2012. This was done by means of an online questionnaire, post-return interviews and 360-degrees feedback. In both the questionnaire and the interviews the students invariably indicate a slight to strong increase in their personal, social, intercultural and linguistic competencies as the result of their study or internship abroad. They are slightly less positive about their academic and professional development. Internships, particularly when students have been submerged in the local culture outside Europe, produce a steeper learning curve than study in Europe. Students learn more when they are better prepared and guided. According to this study there is considerable room for improvement with regard to information about study and internships abroad, facilitation of students, preparation before and guidance during the stay abroad and clarity about the competencies to be acquired. These improvements could not only increase the number of students going abroad, but will enhance the acquisition of international competencies in those who go.
DOCUMENT
Media4ME Intercultureel is een samenwerkingsverband tussen stichting Mira Media, het eSociety Instituut van De Haagse Hogeschool en PDC.Media4ME heeft als doel actief burgerschap, interculturele dialoog en sociale cohesie op wijk- en lokaal niveau te stimuleren, door het bevorderen van een samenhangend geheel van interculturele sociale media en ICT – tools. De opzet van Media4ME Intercultureel is om in Amsterdam Nieuw -West en Overvecht (Utrecht)interculturele sociale en andere media in te zetten ter verbetering van de kwaliteit van het leven in de wijk. Het doel van onderhavig onderzoek is om wijkmedia beter te gebruiken om zo bij te dragen aan de kwaliteit van het leven voor bewoners en de wijk. Voor dit onderzoek is gesproken met wijkprofessionals en bewoners in de twee wijken. In deze publicatie laat het eSociety Instituut zien wat het effect van de inzet van wijkmediaprojecten is op het mediagebruik van professionals en van bewoners ten behoeve van sociale doeleinden. Dit kan wijken helpen in hun aanpak met betrekking tot het gebruik van wijkmedia. De analyse van de gesprekken heeft geleid tot de volgende conclusies: • Professionals en bewoners zijn positief over het gebruik van media ten behoeve van sociale doeleinden. • Professionals hebben normale reserves over techniek, doelgroep, organisatie en zichzelf. • De trainingen en activiteiten van Media4ME worden door de deelnemers als succesvol ervaren. • Het gebruik van sociale en andere media dragen positief bij aan de kwaliteit van het leven van bewoners
DOCUMENT
Het Engelstalige Edubook Culture & Intercultural communication richt zich op het aanleren en toepassen van interculturele vaardigheden en competenties. Studenten ontwikkelen een manier van denken die in elke interculturele situatie toegepast kan worden. Het leermiddel is relevant voor iedere student of professional die in zijn opleiding of beroep te maken heeft met cultuurverschillen en mensen uit andere cultuurgroepen. De uitgave is in te zetten vanaf het eerste jaar van de studie en door professionals die werken in internationaal opererende organisaties of organisaties die met lokale diversiteit te maken hebben.
LINK
In 2020 hebben drie docentonderzoekers (Irene de Kleyn, Mariska Dinkelman en Marleen IJzerman) vanuit het lectoraat Meertaligheid en Onderwijs een inventarisatieonderzoek opgezet en uitgevoerd onder een representatieve afvaardiging van lerarenopleiders en studenten van de internationale varianten van de lerarenopleidingen Duits, Engels, Frans en Spaans van Instituut Archimedes (IA) die zijn gebundeld onder “Teacher Education” (TeacherEd). Het onderzoek had als doel inzicht te krijgen in de rol/plek van meertaligheid als leermiddel, leerdoel en context in de verschillende curricula van de TeacherEd.
DOCUMENT