Het begrip ‘teacher leader’ duikt steeds vaker op, in publicaties, masteropleidingen en (boven)bestuurlijke professionaliseringstrajecten. Het verwijst naar leraren die rollen op zich nemen die de eigen lespraktijk overstijgen en een bijdrage leveren aan onderwijsontwikkeling en onderwijskwaliteit. Die rollen bieden steeds meer leraren een aantrekkelijke carrièremogelijkheid. Teacher leadership zou je kunnen vertalen als leiderschap van leraren, maar een echt mooi Nederlands equivalent voor teacher leader is er niet, vandaar dat ik de Engelse term aanhoud. In dit hoofdstuk is de kernvraag hoe leraren zich kunnen ontwikkelen tot teacher leader. Ik maak daarbij een onderscheid tussen formeel en informeel en tussenindividueel en collectief leiderschap van leraren. In het laatste geval is leiderschap een vanzelfsprekende opdracht voor iedere leraar. Ik ga kort in opde benodigde kwaliteiten voor teacher leaders en de voorwaarden die binnen de school aanwezig moeten zijn. Daarmee wordt duidelijk wat leraren die ditloopbaantraject ambiëren, nodig hebben.
Er is, mede door het lerarentekort, steeds meer aandacht voor het binden en behouden van leraren. Inductie – het begeleiden van startende leraren in de beginfase van hun loopbaan – is daarin belangrijk. Waarom is een goed inductiebeleid onmisbaar? En waarom is een doelgericht inductieprogramma verbonden aan schoolbeleid? Marco Snoek, lector Leren en Innoveren aan de Hogeschool van Amsterdam, vertelt erover.