De essaybundel bestaat uit 10 essays, waarin studenten vanuit verschillende invalshoeken (ze komen uit verschillende opleidingen en jaren) hebben onderzocht wat toegang tot het recht is en hoe het zich verhoudt tot verschillende maatschappelijke ontwikkelingen. Zo kwamen de volgende onderwerpen aan bod: ‘Een eerlijk proces’ door Amina Driouichi, ‘Sociaal advocatuur’ door Arthur Eveleens, ‘Toegang tot recht in samenspel met de ZSM-aanpak’ door Elianne Westra, ‘De verhouding tussen toegang tot recht en onafhankelijke cliëntenondersteuning’ door Fee Wever, ‘De rechtsongelijkheid van de verdachte ten opzichte van het Openbaar Ministerie lijkt onoverbrugbaar’ door Luka Hoogstraten, Jeugdstrafrecht door Michelle Bosch, ‘Toegang tot recht en verschillen in machtsverhoudingen’ door Meri Hakobyan, ‘Laaggeletterden en digitalisering’ door Nicole Groenewoud, ‘Co-ouderschap en de Wmo’ door Nohla Post, ‘ en De engel des doods onterecht veroordeeld’ door Veronique Verschoof. Het was een breed palet aan onderwerpen waarbij studenten zichzelf hebben ingelezen, contact met de praktijk hebben gemaakt en samen de bundel hebben gemaakt en geredigeerd.
De verhouding tussen jongeren en de politie in de Haagse Schilderswijk is al jaren moeizaam. Na de dood van Mitch Henriquez door politiegeweld leidden de opgebouwde frustraties in 2015 tot rellen. Desondanks stelden diverse onderzoekers dat er geen sprake was van buitenproportioneel optreden of discriminatie door de politie. Tegen deze achtergrond voerde het lectoraat Burgerschap en Diversiteit van De Haagse Hogeschool een onderzoek uit naar het vertrouwen van jonge Schilderswijkers in de politie. Uit hun verhalen blijkt dat zelfs zeer kritische jongeren grote waardering hebben voor hun wijkagent, maar dat het gevoel van discriminatie alomtegenwoordig is. Ook wordt duidelijk dat de interactie tussen jongeren en politie alleen kan worden begrepen tegen de achtergrond van de ongelijke machtsverhoudingen op macroniveau.
Ervaringen met racisme kunnen subtiel doorwerken in de leerstrategieën, motivaties en werkervaringen van zowel studenten als medewerkers, wat hun kansen op succes in het hoger onderwijs kan beïnvloeden (Nieto, 2004). Bewustzijn hierover is cruciaal om een inclusieve, gelijkwaardige en effectieve onderwijsomgeving te creëren. Een open gesprek kan bijdragen aan het vergroten van dit bewustzijn. Ons uitgangspunt is dat onderwijsprofessionals middels een groepsgesprek kunnen deelnemen aan een betekenisvolle uitwisseling waarin zij de aanpak van uitsluiting en ongelijkheid in verband leren brengen met hun pedagogische verantwoordelijkheid. Maar er is weinig bekend over de randvoorwaarden voor dergelijke gespreksvoering. In dit actieonderzoek staat daarom de volgende vraag centraal: Hoe voer je een eerste, gezamenlijk groepsgesprek over racisme, macht en privilege met professionals?
De laatste jaren zien we een hernieuwde aandacht voor de maatschappijkritische rol van het sociaal werk die vanaf halverwege de jaren ’90 nagenoeg van het toneel verdween (Peeters, 2010; Banks, 2014; Scholte, 2018). De participatiesamenleving doet een appel op de zelfredzaamheid, de eigen kracht en het informele netwerk van het individu om problemen aan te pakken, zonder daarbij de structurele oorzaken van sociale problemen te adresseren (Peeters, 2010; Banks, 2014; Nachtergaele e.a., 2017; Hubeau, 2018; Reynaert, Roose & Hermans, 2018; Scholte, 2018; Kampen, z.d.). Steeds meer onderzoek laat echter zien dat een beroep op de zelfredzaamheid en de eigen kracht van het individu juist voor kwetsbare groepen niet realistisch is (WRR, 2017; De Brabander, 2014). Sociaal werk zonder maatschappijkritische visie leidt tot een professioneel en democratisch tekort (Bredewold, e.a., 2018). Empowerment speelt een belangrijke rol in de maatschappijkritische positie van sociaal werk (Peeters, 2010; Banks, 2014). Empowerment richt zich niet alleen op het versterken van het zelfvertrouwen van het individu, het bevorderen van een gedeelde verantwoordelijkheid en inclusie, maar ook op het veranderen van structurele oorzaken die sociaal onrecht, sociale ongelijkheid en ongelijke machtsverhoudingen in stand houden (IFSW, juli 2018; Hubeau, 2018). Hier krijgt empowerment een ethisch-politieke dimensie (Van Regenmortel, 2011; Banks, 2012). Dit onderzoek spitst zich toe op de vraag wat de ethisch-politieke dimensie van empowerment inhoudt en op welke wijze empowerment kan bijdragen aan het ontwikkelen van de maatschappijkritische rol van het sociaal werk. Het uitgangspunt is daarbij dat ethiek ‘situated and politicized’ is (Banks, 2014). Deze invalshoek op ethiek biedt een verbreding van de beroepsethiek, die doorgaans ethische kwesties reduceert tot persoonlijke dilemma’s. Over deze bredere ethisch-politieke invalshoek is in Nederland nog nauwelijks geschreven. Het doel van dit onderzoek is kennis over deze ethisch-politieke invalshoek te ontsluiten voor studenten, docenten en professionals.