Met een aantal voorbeelden wordt duidelijk gemaakt dat de kleine verbruiker of armere consument juist benadeeld wordt ten opzichte van grootverbruiker en rijke consumenten.
DOCUMENT
De bodem raakt uitgeput, de biodiversiteit loopt terug, energiebronnen raken op, het (grond)water wordt vervuild en de kwaliteit van het landschap is zeer matig. Deze veranderingen hangen samen met de manier waarop ons voedsel wordt geproduceerd. Alleen door de voedselproductie fundamenteel anders te organiseren kan aan deze negatieve spiraal een halt worden toegeroepen, zowel in Nederland als daarbuiten! Het gaat dan om het bewerkstelligen van een transitie van een agro-industriële landbouw naar een agro-ecologische landbouw. Het gevolg zal zijn dat functies (weer) worden verweven zodat er een veerkrachtig en aantrekkelijk landschap kan ontstaan.
DOCUMENT
Societal aspects play an important role in successful implementation of renewable energytechnologies such as hydrogen. In Work package 10 (WP10) within the Hydelta 2.0 research program,we investigated the societal challenges and lessons learned for deploying hydrogentransport/distribution and application within the built environment in the Netherlands. Furthermore,we studied how these societal challenges can be successfully embedded within an implementationstrategy. In this deliverable (D10.3), the conducted field research of four cases, each in a differentphase of implementation (Rozenburg, Lochem, Wagenborgen, Stad aan ’t Haringvliet), is described.The central themes that we covered in this research are public support, (risk) communication, safetyand the experience of safety, and perceived success of the project. For each case, we interviewedlocal stakeholders (24 interviews in total) and residents, including people living nearby the hydrogenpilot (17 interviews, 68 questionnaires and approximately 90 conversations). The results show mostlypositive indications for public support (although this is not yet known for Stad aan ‘t Haringvliet). Inall cases, the importance of communication between stakeholders and between stakeholders andpotentially participating residents is acknowledged, even though there seems to be a lack ofcommunication with residents living in the vicinity of hydrogen pilots. This is a missed opportunityand a potential risk, as these residents may have questions and doubts, for instance about theprogress and decisions that have been made in the project. Positive attitudes concerning the safetyare partly attributed to the trust people have in the involved stakeholders. It also seems importantthat there is a contact person whom people can reach in case of questions or concerns. Additionally,in some of the cases a demonstration house, where people can experience what it means when ahouse is heated with hydrogen, seems successful. Thus, the findings emphasize the importance ofbroad and frequent communication, not only with the directly involved residents, but also withpeople who live in the vicinity of a hydrogen pilot. Communication is not only important in theplanning and implementation phase of the project, but also at the end of the implementation phase.Finally, shared ownership of the project and inclusion of all stakeholders in all phases of the projectseems important to prevent delays in the project.
LINK
In het project ‘Landbouw in Klimaatrobuuste Beeklandschappen’ (SIA PVG.DZ21.03.004) zijn het bodem- en watersysteem, het agrarisch perspectief, de verdienmogelijkheden binnen dit landschap en de rol van governance uitgewerkt. De methodieken zijn aan de hand van drie verschillende casusgebieden opgesteld, getest en repliceerbaar gemaakt en hebben verschillende producten en rapportages opgeleverd. De gebruikte casusgebieden zijn het Koningsdiep (FR), de Buulder Aa (NB) en het Vechtdal (OV), drie verschillende maar wel vergelijkbare gebieden op zandgronden waar de aanwezigheid van lokale laagtes en hoogtes voor complexe dynamiek zorgen op het gebied van droogte en wateroverlast. Dit deelbestand is onderdeel van het grotere geheel. Houd er rekening mee dat deze informatie is gepubliceerd op 28-02-2025 en onderhevig kan zijn aan wijzigingen.
DOCUMENT
Rosa Alberto (HU) en Bart Kleine Deters (ECBO) deden onderzoek naar welke lessen we als Nederland kunnen leren van het buitenland op het gebied van beleid in gecijferdheid. Dit deden ze aan de hand van een thematische analyse op vier terreinen: 1. Samenhang in basisvaardigheden(-beleid) 2. Implementatiemethode van basisvaardighedenbeleid 3. De rol van kenniscentra 4. Rol van werkgevers in het versterken van basisvaardigheden Het onderzoek geeft mooie aanknopingspunten en inspiratie voor de ve-plannen die bij het ministerie van OCW in de maak zijn. Dit onderzoek is verschenen binnen het project Gecijferdheid als Basisvaardigheid, waarbij de HU, CINOP en Freudenthal Instituut (UU) samen optrekken.
DOCUMENT
Samenvattend overzicht van de inzichten uit de literatuur tot 1996 over de maatschappelijke betekenissen van sport op het gebied van gezondheid, sociale binding en economie.
DOCUMENT
De culturele industrie staat onder druk. De subsidiënten en de sponsors trekken zich terug. De vraag is hoe Oerol zonder verlies aan identiteit nieuwe verdienmodellen kan introduceren op de volgende edities. Oerol trekt in 10 dagen 55.000 bezoekers waarvan er 25.000 het paspoort kopen waarmee toegang tot de koop van tickets mogelijk is. Dit aantal moet omhoog kunnen. Tevens veronderstellen wij dat de bezoeker niet bewust is van het risico die de particuliere organisatie van Oerol loopt bij iedere editie. In het rapport staat een analyse van de situatie waarbij de programmering- piramide alsmede de customer life-time value theorie wordt ingepast en aanbevelingen van verdienmodellen.
DOCUMENT
Fontys en Avans hebben in de afgelopen twee jaar onder meer laagdrempelige test- en onderzoeksmogelijkheden geboden, bijvoorbeeld in de vorm van afstudeerstages. Daarnaast hebben de beide kennisinstellingen een (regionaal) kennisnetwerk voor het MKB gefaciliteerd dat de mogelijkheid biedt om op nieuwe ontwikkelingen te anticiperen. Het is nu mei 2011 en het project loopt ten einde. In de afgelopen twee jaar is er veel bereikt: bedrijven en onderwijsorganisaties hebben elkaar gevonden, er is veel onderzoek gedaan naar nieuwe toepassingen van biopolymeren, aannames zijn getoetst en in het groeiende netwerk van producenten, leveranciers en consumenten van bioplastics is veel kennis gedeeld en uitgewisseld.
DOCUMENT
Sportbonden staan onder grote druk om steeds marktgerichter te opereren. De koepelorganisatie NOC*NSF constateerde enkele jaren geleden dat de georganiseerde sport marktaandeel aan het verliezen was.Volgens NOC*NSF kwam dat doordat de bonden en verenigingen niet met de tijd meegingen. Met hulp van een gerenommeerd marketingbureau hebben vervolgens zestig sportbonden een marketingplan opgesteld om hun activiteitenaanbod te vernieuwen. De voorbeelden die daarbij gebruikt werden waren veelal afkomstig uit het bedrijfsleven. Marketingtechnieken, ontleend aan het bedrijfsleven, zijn voor sportbonden echter slecht toepasbaar gebleken. Sportbonden zijn nu eenmaal geen innovatieve, bedrijfsmatig gerunde organisaties. Zo zijn zij niet gewend te werken met investeringen vooraf, is belangenbehartiging van hun leden hun belangrijkste taak, worden hun verenigingen niet van bovenaf aangestuurd, en worden zij gekenmerkt door een democratische besluitvormingscultuur. Eigenschappen die zich slecht laten verenigen met een snelle, marktgerichte besluitvorming, waarbij inspringen op wensen en behoeften en een ruime blik op potentieel interessante doelgroepen een vereiste is. Bij het verruimen van hun aanbod kunnen sportbonden zich volgens dan ook beter richten op initiatieven die dichter bij hun eigen praktijk staan en dichter bij hun traditionele achterban. Zo heeft de Korfbalbond de zogenaamde 'Kangoeroe Klup' ontwikkeld, met de bedoeling om de jongste familieleden van korfballers op een speelse manier met korfbal kennis te laten maken. Een concept dat wel zijn vruchten heeft afgeworpen. Een ander, belangrijk aspect waar sportbonden rekening mee moeten houden is de van oudsher democratische besluitvorming bij die sportbonden. Dat deze tot grote frustratie kan leiden bij sommige, meer innovatief ingestelde bondsmedewerkers die zo hun vernieuwende ideeën zien sneuvelen, is begrijpelijk. Maar het inperken van de macht van de achterban is volgens de promovenda geen oplossing voor dit probleem. Daarmee raak je immers aan het bestaansrecht van sportbonden, bestaande uit belangenbehartiging van en dienstverlening aan verenigingen.
DOCUMENT
Aan de hand van de ‘customer journey’ beschrijven we in dit rapport welke barrières mensen met een beperking ervaren voor, tijdens en na de reis en hoe de reisindustrie hierop kan inspelen. In dit rapport vatten we de belangrijkste bevindingen samen van vijf onderzoeksrapporten en ons literatuuronderzoek.
DOCUMENT