Lab report on Lidar Mapping with Livox Mid-40 in ROS
MULTIFILE
While literature and practice acknowledge the potential of service innovation as well as digitally enabled innovation processes, the diverse innovation process literature lacks a process model which combines these two aspects. This systematic literature review aims at filling this gap by analysing innovation process theories and approaches with a specific focus on service and digital innovation. 25 conceptualisations of innovation processes were distilled and analysed in detail to present a ‘digital innovation process for services’ model which includes steps on three levels. Consequently, this literature review expands the current state-of-research and acts as the groundwork for further innovation research projects.
The ageing of people with intellectual disabilities, with associated morbidity like dementia, calls for new types of care. Person-centered methods may support care staff in providing this, an example being Dementia Care Mapping (DCM). DCM has been shown to be feasible in ID-care. We examined the experiences of ID-professionals in using DCM. We performed a mixed-methods study, using quantitative data from care staff (N = 136) and qualitative data (focus-groups, individual interviews) from care staff, group home managers and DCM-in-intellectual disabilities mappers (N = 53). ageing, dementia, Dementia Care Mapping, intellectual disability, mixed-methods, personcentred care
MULTIFILE
Augmented Reality (AR) technologie is een vorm van mens-computer interactie waar de natuurlijke visuele waarneming van de mens wordt aangevuld met computer-gegenereerde informatie, zoals virtuele 3D modellen, aanwijzingen en teksten. Binnen het MKB in de maakindustrie is er grote interesse voor AR. Diverse maakbedrijven zijn geïnteresseerd in de mogelijkheden om met AR hun medewerkers te ondersteunen en/of te trainen en daarmee hun assemblageprocessen efficiënter uit te voeren, met een hogere kwaliteit en op een veilige manier. In dit project willen we het MKB ondersteunen met onderzoek naar mogelijkheden om AR in te zetten in assemblageprocessen. De technische mogelijkheden van AR ontwikkelen zich snel. Er zijn echter de nodige vragen bij de managers van MKB bedrijven: wat zijn huidige en toekomstige mogelijkheden van AR in de assemblage van producten? Wat betekent dit voor de inrichting en organisatie van de assemblage? Hoe ervaren werknemers ondersteuning met AR? In dit RAAK project zal met vijf inhoudelijke werkpakketten antwoord gegeven worden op deze vragen. Resultaten van het project zijn: (i) een aanpak voor het identificeren van kansen van AR in huidige assemblagesituaties, (ii) een aanpak voor het specificeren van een werkplek (of takenpakket) en de benodigde AR-ondersteuning, (iii) ontwerpprincipes (interface-richtlijnen) voor de ontwikkeling van AR-ondersteuning van medewerkers, (iv) een aantal demonstrators (3 of meer) die het ontwikkelen en gebruik van AR in de assemblage illustreren en (v) een (strategische) Roadmapping Methodologie voor het ontwikkelen van AR ondersteunde assemblage binnen een bedrijf. Hiermee wordt duidelijk hoe keuzes in de markt, de inrichting, de besturing en de organisatie van een bedrijf samenhangen met de keuze voor AR-technologie in de assemblage. De resultaten van het project zullen gebruikt worden door de bedrijfspartners in het project en breder uitgezet worden via de netwerken van de verschillende partners in het project. Resultaten zullen ook worden gebruikt in HBO-onderwijs en onderzoek. Het project sluit aan bij diverse initiatieven op het gebied van Smart Industry.
Society continues to place an exaggerated emphasis on women's skins, judging the value of lives lived within, by the colour and condition of these surfaces. This artistic research will explore how the skin of a painting might unpack this site of judgement, highlight its objectification, and offer women alternative visualizations of their own sense of embodiment. This speculative renovation of traditional concepts of portrayal will explore how painting, as an aesthetic body whose material skin is both its surface and its inner content (its representations) can help us imagine our portrayal in a different way, focusing, not on what we look like to others, but on how we sense, touch, and experience. How might we visualise skin from its ghostly inner side? This feminist enquiry will unfold alongside archival research on The Ten Largest (1906-07), a painting series by Swedish Modernist Hilma af Klint. Initial findings suggest the artist was mapping traditional clothing designs into a spectral, painterly idea of a body in time. Fundamental methods research, and access to newly available Af Klint archives, will expand upon these roots in maps and women’s craft practices and explore them as political acts, linked to Swedish Life Reform, and knowingly sidestepping a non-inclusive art history. Blending archival study with a contemporary practice informed by eco-feminism is an approach to artistic research that re-vivifies an historical paradigm that seems remote today, but which may offer a new understanding of the past that allows us to also re-think our present. This mutuality, and Af Klint’s rhizomatic approach to image-making, will therefore also inform the pedagogical development of a Methods Research programme, as part of this post-doc. This will extend across MA and PhD study, and be further enriched by pedagogy research at Cal-Arts, Los Angeles, and Konstfack, Stockholm.
In een recente bijeenkomst van de koninklijke metaalunie voerden we een discussie over robotisering . Veel bedrijven zien er tegenop, enkele waren er wel mee begonnen. Die zijn enthousiast maar vertellen ook over de enorme worstelingen: oplossingen van de robotleveranciers passen niet zo bij hun kleine bedrijf met sterk variërende orders. Ze hebben met een eigen team van ‘knutselaars’ (hun eigen woorden) uitgezocht hoe en waar de robots in te zetten. Dit is een probleem dat veel bedrijven ervaren. Maakbedrijven zijn bezig met het zetten van stappen in (verdere) automatisering en robotisering van de productie. Maar vaak weten de bedrijven niet goed waar ze moeten beginnen, en is het goed inrichten een worsteling. De robotsystemen die worden geïnstalleerd zijn voorgeprogrammeerd om één ‘kunstje’ te doen; systemen die goed zijn in één taak. De Nederlandse industrie heeft echter meer behoefte aan flexibele en slimme automatisering. De Nederlandse industrie is vooral sterk in flexibiliteit, enkelstuksfabricage en kleine seriegroottes, en niet gericht op massaproductie. Dat sluit aan bij de Nationale wetenschapsagenda – route Smart industry, die het als volgt formuleert: Foutloze maatwerkproducten in een oplage van één voor de prijs van een massaproduct. Dat is de stip op de horizon voor de industrie van de toekomst . Omdat hier nog relatief weinig over bekend is heeft een grote groep bedrijven in het midden en oosten van het land een coalitie gevormd en het initiatief genomen om hier een roadmap op te ontwikkelen. Op basis van de vragen van de individuele bedrijven zijn initieel 6 clusters geïdentificeerd. Binnen de scope van dit project worden er 4 clusters onderzocht en uitgewerkt. Dit resulteert in 6 concrete deliverables als onderdeel van de roadpmap waar de MKB-bedrijven mee verder kunnen.