Paper voor Politicologenetmaal. Informatievoorziening over lokale politiek was traditioneel de taak van de lokale en regionale media waarbij kranten, huis-aan-huisbladen, lokale - en regionale omroep een belangrijke rol speelden. De rol van deze media wordt langzamerhand kleiner omdat oplagen dalen en de concurrentie van nieuwe digitale media toeneemt. De vraag die in deze bijdrage centraal staat, is welke bijdrage traditionele en nieuwe digitale media leveren aan de informatievoorziening op lokaal (gemeentelijk) niveau. Worden de hoog gespannen verwachtingen op dit terrein daadwerkelijk ingelost? In twee Nederlandse gemeenten in de provincie Utrecht (Leusden en Bunschoten) is deze problematiek getest door alle mediakanalen te inventariseren en gedurende één week de inhoud van deze kanalen te checken op de aanwezigheid van nieuws en informatie die over bestuurlijke politieke aangelegenheden gingen. Uit de resultaten bleek dat er een indrukwekkend aantal print- en audiovisuele media en digitale kanalen aanwezig is in beide plaatsen maar dat veel van deze media geen enkele bijdrage leverden aan de informatievoorziening op politiek gebied. Met name de nieuwe digitale media lieten het afweten, zij bevatten geen nieuws of geen origineel nieuws; hun bijdrage – voor zover aanwezig – beperkte zich tot het doorgeven van nieuws dat elders was verzameld. Ook traditionele media droegen maar matig bij aan de informatievoorziening, er werd sterk geleund op institutionele bronnen zoals gemeente en politieke partijen voor de berichtgeving.
Mediabedrijven en -organisaties maken steeds meer gebruik van algoritmes om hun gebruikers gepersonaliseerde aanbevelingen aan te bieden voor artikelen, muziek, series, films en video’s. Dergelijke aanbevelingsalgoritmes maken gebruik van technieken uit kunstmatige intelligentie om te voorspellen in welke inhoud een gebruiker geïnteresseerd is, bijvoorbeeld op basis van wat de gebruiker eerder heeft bekeken of beluisterd of op basis van wat andere gebruikers hebben bekeken of beluisterd. Publieke omroepen, die programma’s maken voor kijkers en luisteraars, en de Nederlandse Publieke Omroep (NPO), die in Nederland zorgt voor de distributie en uitzending van die programma’s, zien potentie in deze technologie. De NPO maakt nog slechts beperkt gebruik van automatische aanbevelingen om inhoud aan kijkers en luisteraars aan te bieden, maar zij verkent samen met een aantal partners uit het publieke omroepbestel de mogelijkheden om de technologie breder in te zetten. Anders dan de meeste mediabedrijven wordt de NPO wordt bekostigd door overheidsbudget en heeft het als expliciete missie om het Nederlandse publiek te verbinden en te verrijken met programma’s die informeren, inspireren en amuseren. Dit stelt andere eisen aan een aanbevelingsalgoritme. Waar het doel van commerciële partijen veelal bestaat uit het optimaliseren van winst en/of engagement, beoogt de NPO aanbevelingen te bieden op transparante en inzichtelijke wijze, en staat pluriformiteit (diversiteit in perspectieven) in aanbevelingen centraal. Op dit moment speelt bij de NPO de vraag welke principes (pluriformiteit, personalisatie, etc.) leidend moeten zijn in aanbevelingen en hoe deze principes geoperationaliseerd kunnen worden. Het doel van dit project is daarom om, middels literatuuronderzoek, interviews met experts en gebruikers, en prototyping, een aantal principes te identificeren en operationaliseren die geschikt zijn voor aanbevelingsalgoritmes van publieke omroepen.
Tijdens de pandemie heeft het publiek meer dan ooit behoefte aan informatie. Tegelijkertijd wordt er zoveel informatie verspreid, dat het WHO zelfs spreekt van een infodemic. De overvloed van informatie en ruime keuze van nieuwsmedia kan leiden tot het (tijdelijk) vermijden van (bepaalde) nieuwsmedia of berichtgeving. Geldt dit ook tijdens de Covid-19 crisis? Mijden mensen het nieuws meer? Doel Dit onderzoek heeft als doel om na te gaan hoe de nieuwsconsumptie tijdens de eerste golf van de Covid-19 crisis is verlopen. Resultaten We zien dat in het begin van de pandemie het publiek veel behoefte had aan informatie. Niet alleen gingen ze vaker nieuws consumeren (61%) dan voorheen, ook deden ze dit bij meer verschillende nieuwsbronnen (51%). Tegelijkertijd zien we dat een grote groep (53%) aan gaf afstand of pauze te nemen van nieuws over Covid-19. Naarmate ze minder gingen consumeren verder in de crisis, neemt deze behoefte voor een pauze ook af (naar 44% in juni). Wel zien we dat hoe langer de crisis voortduurde méér mensen het nieuws in het geheel gingen vermijden. De voornaamste reden hiervoor is dat men het gevoel had overladen te worden met informatie (59%). Looptijd 01 april 2020 - 01 november 2020 Aanpak In dit onderzoek keken we naar de nieuwsconsumptie van het Nederlandse publiek in de eerste vier maanden van de Covid-19 crisis. Op drie momenten hebben we een panelsurvey uitgezet (onder een representatieve steekproef van +/- 1500 mensen): begin april, een paar weken na de lock-down, begin mei toen de scholen weer opengingen en halverwege juni, toen de horeca weer open was. Meer weten? Lees de volgende blog: Nieuwsgebruik en mijding tijdens de infodemic Luister naar de podcast van Trajectum: https://trajectum.hu.nl/podcast-je-hoort-t-bij-trajectum/ Kijk naar het debat van HU podium waarin lector Yael de Haan in gesprek gaat met adjunct- hoofdredacteur AD, Paul van den Bosch, ombudsman van de publieke omroepen Margo Smit, hoofdredacteur van Rijnmond Alex Beishuizen
Nieuwsorganisaties maken zich zorgen om burgers die zich in toenemende mate afkeren van het nieuws. In onderzoeken komt naar voren dat het publiek vindt dat nieuwsorganisaties er niet in slagen een beeld van samenleving te schetsen waarin burgers zichzelf herkennen en zich erkend voelen. Mensen geven aan dat nieuwsmedia hen onvoldoende diepgang, duiding en verschillende perspectieven bieden. Journalistieke nieuwsmedia maken zich daarom zorgen over hun rol in de samenleving en vragen zich af hoe de betrokkenheid met het publiek te versterken. De vraag is dan hoe nieuwsmedia in een gedigitaliseerde samenleving de relatie met het publiek kunnen vormengeven op een manier die burgers het gevoel geeft serieus genomen te worden. Publieke organisaties, zoals overheden, maken in toenemende mate gebruik van conversational AI (CA), om de relatie met het publiek te verbeteren. Geavanceerde conversational AI kan bijdragen aan een goed geïnformeerde samenleving, een taak die de journalistiek, en de publieke media in het bijzonder, expliciet nastreven. Echter, voor een succesvolle implementatie is niet alleen goed functionerende technologie belangrijk. Het vertrouwen van het publiek is daarvoor minstens zo essentieel. In dit onderzoeksproject zoeken experts uit de journalistiek, techniek en design samen met publieke omroepredacties op nationaal, regionaal en lokaal niveau naar manieren hoe nieuwsmedia conversational AI kunnen inzetten om de nieuwsvoorziening beter aan te laten sluiten bij de informatiebehoefte van burgers en tegelijkertijd rekening houdt met journalistieke waarden en normen. Samen met NOS, Omroep Brabant en Omroep Venlo onderzoeken we door middel van ontwerpgericht onderzoek hoe conversational AI hierin een rol kan spelen. Het onderzoek levert naast werkende prototypes ook ontwerpprincipes op die in verschillende journalistieke contexten richting kunnen geven aan redacties voor de ontwikkeling van een eigen conversational AI.