Eigen regie voeren in uw eigen zorg is mogelijk als u weet welke diensten er beschikbaar zijn in de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Werkboek 10 uit de reeks "Eigen Regie en Herstel" geeft u informatie om te achterhalen welke programma’s u verder kunnen helpen om uw herstel te bevorderen. Het biedt ook strategieën om voor uzelf op te komen wanneer u een probleem tegenkomt in de GGZ. Deze publicatie is een bewerkte, geautoriseerde vertaling van “Illness management and recovery: Personalized skills and strategies for those with mental illness” van Gingerich, S., Mueser, K. T., & New Hampshire-Dartmouth Psychiatric Research Center (2011). ISBN: 978-1616491062 Uitgever: Hazelden Foundation, Center City, MN 55012, USA.Nederlandse vertalingLaura Stalenhoef (Saxion, student TP)Marijke Brugman (Saxion; Netwerk IMR)Rieke Kamman (Dimence Groep)Grietje Meinen (RIBW Groep Overijssel; Netwerk IMR)Redactie/EditorAd Bergsma (Saxion Hogeschool)Hanneke Teunissen (Saxion Hogeschool)BewerkingAd Bergsma (Saxion Hogeschool)Ingrid Stevelmans (GGzE)Marijke Brugman (Saxion Hogeschool)Trudy Sterk (Zorggroep Apeldoorn en omstreken)Titus Beentjes (Dimence Groep)Jos Droës (Stichting Rehabilitatie '92)Petra Schaftenaar (Inforsa)Peter Pierik (Saxion Hogeschool)Kim Mueser (Department of Occupational Therapy, Boston University)Susan Gingerich (Independent Consultant, Philadelphia, PA, United States)IllustratiesIris de Rooij
MULTIFILE
“Als je het onderwijs in Nederland wilt verbeteren, moet je de regie aan de docenten geven.” Dat stelt Marco Snoek, die zich als lector van de Hogeschool van Amsterdam al meer dan tien jaar inzet voor onderwijsverbetering. In juni promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam. Op Kennisklink.nl verscheen een interview met hem over de problemen in het onderwijs, en wat docenten, maar ook scholen, opleiders en bestuurders kunnen doen om deze op te lossen.
LINK
Vincent Gruis is mede-auteur van de discussienota over de regie-corporatie. Een model dat becijfert dat een corporatie denkbaar is, die voor de helft van de huidige gemiddelde beheerkosten werkt. Vincent zit de discussie over deze en andere bedrijfsmodellen voor tijdens het Vanenburg Bestuurdersoverleg Woningcorporaties op 13 juni 2013 in Putten. Het bestuurdersdebat heeft als doel de vernieuwingskracht van woningcorporaties een impuls te geven en in bestuurlijke samenspraak hierover afspraken te maken. ,,De regie-corporatie komt voort uit de huidige opgave. Wat je moet doen, beter en goedkoper doen. Het is een soort archetype, een geïdealiseerd oermodel, dat antwoordt geeft op de vraag: ‘En wat nou als ik alles uitbesteed?’
In het project Netwerkondersteuning Dementie (februari 2015 – februari 2017) is een samenhangend aanbod van toepassingen en diensten ontwikkeld in de vorm van een digitaal platform voor mantelzorgers en zorgprofessionals die betrokken zijn bij de zorg voor mensen met dementie, opdat deze mensen langer en onder betere omstandigheden thuis kunnen blijven wonen. Het platform is samengesteld op basis van een behoefte inventarisatie bij mantelzorgers en zorgprofessionals van mensen met dementie. Het is een beveiligde omgeving met een aantal knoppen (cubes of apps), zoals ‘Info Dementie’, ‘Berichten’, ‘Videoconsult’ en ‘Zorgschrift’. De knoppen hebben verschillende functies, met name ter bevordering van communicatie en het delen van informatie. Het ontwikkelde platform is vervolgens in twee Limburgse regio’s op bruikbaarheid en haalbaarheid onderzocht door onderzoekers, docenten en studenten van Zuyd Hogeschool, in samenwerking met twee zorgorganisaties (MeanderGroep Zuid Limburg en Proteion) en vier technologie bedrijven. In de kleinschalige bruikbaarheidsstudie waren mantelzorgers en zorgprofessionals positief over de gebruiksvriendelijkheid van het platform. Daarnaast vond het merendeel van hen dat ze door het platform sneller, gemakkelijker en efficiënter met elkaar gingen communiceren. Vervolgens is de haalbaarheid van het platform getest met een groter aantal deelnemers. Ondanks de informatieverstrekking onder een groot publiek en via diverse kanalen, bleef belangstelling voor deelname echter achter bij de verwachtingen. Het platform blijft op verzoek van de deelnemers beschikbaar voor degenen die er mee willen (blijven) werken. De betrokken zorgorganisaties en bedrijven zijn aan het bekijken of en in welke vorm het platform verder ingevoerd gaat worden. Daarbij moet rekening worden gehouden met de knelpunten en uitdagingen die gedurende het project naar voren zijn gekomen, zoals afspraken over de regievoering over het platform, integrale en eenmalige registratie van zorggegevens, en meer en betere voorlichting over (technologische) hulpmiddelen bij dementie. Deze top up aanvraag biedt het consortium de gelegenheid om in te spelen op het laatstgenoemde knelpunt. Door hier een bijdrage aan te leveren wordt de duurzame doorwerking van projectresultaten naar de beroepspraktijk, patiënten en hun naasten, alsook het onderwijs, bevorderd. “De (potentiële) gebruikers van het platform zijn zich ondanks betrokkenheid bij het project toch nog onvoldoende bewust van de mogelijkheden van het platform, waardoor de kans om de zorg voor mensen met dementie te optimaliseren m.b.v. inzet van zorgtechnologie nog niet naar vermogen wordt benut”.