“Wat zijn voor industrieel ontwerpers de mogelijkheden en beperkingen van strategieën voor het circulair ontwerpen van producten en hoe kan het effect van die strategieën op de circulariteit onderling vergeleken worden?“ Deze vraag staat centraal. Dit ‘kookboek’ is resultaat van het Go-CI project design strategieën voor het circulair ontwerpen van producten. De Go-CI regeling stimuleert het opzetten van nieuwe samenwerkingsverbanden van mkb-ondernemingen uit de creatieve industrie met kennisinstellingen. Met ontwerpend onderzoek is in dit project een kantoorstoel vanuit verschillende circulaire designstrategieën herontwerpen en vervolgens de circulaire verschillen inzichtelijk maken.
MULTIFILE
Het Urban Technology onderzoeksprogrammavan de Hogeschool van Amsterdam (HvA) doet praktijkgericht onderzoek voor de omschakeling naar eencirculaire stad. Eén van de factoren die hierbij een rol spelen is hoe producten circulair ontworpen kunnen worden. In een aantal onderzoeksprojecten wordt door de HvA specifiek gekeken naar het gebruik van lokale reststromen om circulaire producten te ontwerpen. Onder meer aan de hand van een wel heel bijzondere reststroom: de in 2017 afgedankte stadionstoelen van de Amsterdam ArenA. In Product Magazine 5/2017 verscheen deel 1 waarin de achtergrond van dit onderzoek is besproken en suggesties zijn gedaan voor stoelontwerpen op basis van upcycling. In deel 2 komen de ontwerpers zelf aan het woord.
DOCUMENT
In het voor u liggende document worden beknopt vier studentprojecten besproken, waarin circulair bouwen en inclusief wonen bij elkaar zijn gebracht om een bijdrage te leveren aan meerdere vraagstukken uit de circulaire transitie-agenda. Grunstra Architecten, We ask YOU, Buro Hollema en Saxion zijn namelijk vier organisaties, die ook inzien dat de huidige manier van bouwen niet kan worden gecontinueerd en dat circulair bouwen een deel van de oplossing kan vormen.
MULTIFILE
Het urban technology onderzoeksprogramma van de hogeschool van Amsterdam (HvA) doet onderzoek voor de omschakeling naar een circulaire stad. Een van de factoren die hierbij een rol spelen is hoe producten circulair ontworpen kunnen worden.
DOCUMENT
Door de ondertekening van het klimaatakkoord van Parijs hebben overheden beleid ontwikkeld om de voorziene opwarming van het klimaat te beperken. Voor de bouwsector gaat het dan vooral om zuinig omgaan met grondstoffen en minder energieverbruik in de productie en het gebruik van gebouwen. Om de doelstellingen van het akkoord van Parijs te behalen, is een andere opvatting over het economische model ontstaan: de circulaire economie, als tegenhanger van de huidige gangbare lineaire economie. De wet- en regelgeving volgt deze ontwikkeling, maar dat is pas sinds kort. Er is veel in beweging. In deze whitepaper schetsen wij de ontwikkelingen in de wet- en regelgeving voor een circulaire bouwsector. Eén van de ontwikkelingen is een grotere rol voor hernieuwbare materialen en producten in die toekomstige economie. Deze whitepaper geeft antwoord op verschillende vraagstukken: • Welke wet- en regelgeving is belangrijk voor opschaling van circulair biobased bouwen? • Wat is te leren van het verschil in aanpak tussen de betrokken landen? • Hoe belemmerend is wet- en regelgeving nu écht? • Hoe flexibel is wet- en regelgeving in het kader van functieverandering? • Hoe groot is de ruimte voor het stimuleren van circulair biobased bouwen binnen de wet- en regelgeving?
DOCUMENT
De nationale en internationale ambities op het vlak van Circulaire Economie zijn groot, en veel bedrijven en organisaties dragen bewust of onbewust reeds bij aan de Circulaire Economie. Een Circulaire Economie reguleert het fundamenteel anders omgaan met grondstoffen, door het hergebruik van producten en grondstoffen centraal te stellen en afval en schadelijke emissies naar bodem, water en lucht zoveel mogelijk te voorkomen. De belofte van de Circulaire Economie is om verschillende vormen van duurzaamheid op verschillende niveaus te organiseren als een liefst integrale economische opgave. Hierbij zijn het voorkómen van afval en het (her)waarderen van materie belangrijke uitgangspunten. Naast technische ontwikkelingen zijn hier ook sociale en zelfs systeeminnovaties bij nodig. Daar hoort bijvoorbeeld ook bewustwording, gedragsbeïnvloeding en zakelijke haalbaarheid bij. De transformatie naar een circulaire samenleving is een grootschalige maatschappelijke transitie. Hogeschool Inholland beweegt mee met deze ontwikkeling in de maatschappij, door middel van onderzoek en onderwijs in samenwerking met het werkveld. Deze position paper is een verkenning van bestaande theorieën, maatschappelijk debat, relevante beleidskaders en financieringsinstrumenten (het externe beeld), alsmede een eerste inventarisatie gericht op het aanbod binnen Inholland (het interne beeld), om daarmee een dialoog te initiëren over een betere positionering van Inholland op het vlak van Circulaire Economie. Als vervolgstappen worden o.a. een verdere inventarisatie van het aanbod en betere inbedding binnen verschillende opleidingen en een versterking en bundeling van onderzoekscapaciteit door middel van een domeinoverstijgende aanpak aanbevolen, alsmede een marktonderzoek om vraag en aanbod beter op elkaar te kunnen laten aansluiten. Mede op basis van deze bouwstenen kan de communicatie en positionering van Inholland op het vlak van Circulaire Economie, zowel intern als extern, verstevigd worden. Deze position paper is een groeidocument, dus de deur blijft open staan om in de toekomst nieuwe kennis, inzichten, aanbevelingen en interventies mee te nemen.
DOCUMENT
In de laatste jaren zijn er veel ontwikkelingen geweest op het gebied van wonen, waarbij milieu steeds een belangrijkere rol is gaan spelen. De bouwsector is verantwoordelijk voor het gebruik van meer dan 30% van de natuurlijke hulpbronnen, terwijl het 25% van de afvalstromen veroorzaakt. De huidige manier van bouwen is inefficiënt en eindige grondstoffen raken op een gegeven moment uitgeput. Een circulaire bouweconomie kan hiervoor een oplossing bieden. Het idee achter circulair bouwen is het gebruiken en hergebruiken van materialen. Naast de manier van bouwen zijn ook de behoeftes van de bewoners veranderd. In de laatste jaren is de interesse in een woonwijk met een meer gemengde samenstelling qua doelgroepen toegenomen. Hierbij gaat het om mensen met en zonder beperkingen, verschillende leeftijdsgroepen of andere achtergronden. Bij deze behoefte is het doel om woonwijken te hebben, waarin iedereen elkaar accepteert en gelijk behandeld. Deze behoefte valt onder het begrip inclusiviteit. In Nederland bestaan woonprojecten voor circulaire woningen en inclusieve woonwijken, maar de twee concepten zijn nog niet met elkaar gecombineerd. Men weet niet hoe een inclusieve én circulaire woonwijk kan worden ontwikkeld. Het doel van dit onderzoek is het vaststellen van wat circulariteit en inclusiviteit inhoudt en hoe het samen kan worden toegepast in een woonwijk in de vorm van randvoorwaarden.
MULTIFILE
Het Urban Technology onderzoeksprogrammavan de Hogeschool van Amsterdam (HvA) doet praktijkgericht onderzoek voor de omschakeling naar eencirculaire stad. Eén van de factoren die hierbij een rol spelen is hoe producten circulair ontworpen kunnenworden. In een aantal onderzoeksprojecten wordt door de HvA specifiek gekeken naar het gebruik van lokalereststromen om circulaire producten te ontwerpen. Onder meer aan de hand van een wel heel bijzonderereststroom: de in 2017 afgedankte stadionstoelen van de Amsterdam ArenA. In Product #5 / 2017 en Product#2 / 2018 verschenen de eerste twee delen waarin de achtergrond van dit onderzoek is besproken en waarinsuggesties voor nieuwe stoelontwerpen op basis van upcycling en recycling gedaan zijn.In dit derde en laatste deel richten we ons op de consument. We gaan in op de vraag hoe circulaireproducten door de consument gewaardeerd worden en welke rol de herkenbaarheid
DOCUMENT
Waarom is een circulaire transitie noodzakelijk en wat is wat is de bijdrage die het Fontys Expertisecentrum Circulaire Transitie (FECT) daarin wil bieden?
DOCUMENT
Het rapport beschrijft onderzoek medegefinancierd door Regieorgaan SIA onderdeel van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Onderzoekpartners: Fieke Grooters (Inbo Architectenbureau), Kees Boot (Ingenieursbureau BOOT), Ruben Vrijhoef (Hogeschool Utrecht). Uit de inleiding: Onze grondstoffenvoorraad is eindig en toch worden nog steeds kostbare materialen afgedankt. Dat kan beter: door het sluiten van kringlopen en de realisatie van een circulaire economie. Met name de bouwsector is een grote materiaal- en grondstoffenverslinder (CE, 2014; en CBS, PBL & WUR, 2017), materialen en grondstoffen waar bovendien veel fossiele energie voor nodig is (Chuchí et al, 2014). Circulaire toepassingen kunnen dus juist in de bouw een groot verschil maken. Alleen al in de regio Utrecht zijn er de komende jaren (2018-2022) ruim 200 bouw- en sloopprojecten (Metabolic & SGS Search, 2018). In opdracht van de Utrechtse gemeenten schatten Metabolic en SGS Search (2018) in dat er tussen 2018 en 2022 in de regio Utrecht ruim 5 miljoen ton materiaal nodig is, terwijl er in die periode 250 duizend ton beschikbaar komt. Kortom, er wordt in Utrecht meer gebouwd dan gesloopt. Tegelijk is het met het oog op de toekomst relevant om na te gaan hoe nu gebouwen kunnen worden ontworpen die passen in een circulaire economie. In dit project – Old School, New School – is de vraag dan ook hoe we materialen en producten kunnen hergebruiken door ze een tweede leven te geven. Dit project is een samenwerking van de Hogeschool Utrecht met ingenieursbureau BOOT en architectenbureau Inbo, waarbij tevens een aantal partners uit het Cirkelstadnetwerk en studenten van de Hogeschool Utrecht zijn betrokken.
DOCUMENT