Dit rapport bevat een onderzoek naar de internationale ervaring (studiepuntmobiliteit en digitale internationale samenwerkingen) van ho-afgestudeerden uit 2020-22. Er is onderzocht wie er deelnamen, hoe toegankelijk een internationale ervaring was, waarom afgestudeerden deelnamen en waar ze naartoe gingen. Wat afgestudeerden van een internationale ervaring leerden en wat de voordelen op de arbeidsmarkt waren, is ook in het onderzoek meegenomen. Grenzeloos studeren is een uitgave van het Nuffic en de Haagse Hogeschool.
DOCUMENT
In recente jaren is er een groeiende erkenning van cross-overs tussen kunst en het zorg- en welzijnsdomein, waarbij transdisciplinaire samenwerkingen bijdragen aan complexe uitdagingen. In de bloei van cross-overs tussen kunst, zorg en welzijn, ontbreekt momenteel een systematische verkenning van hun impact en uitdagingen binnen het Nederlandse onderwijs. Deze scoping reviewonderzoekt hoe kunst en zorg samenkomen in het onderwijs, welke meerwaarde dat biedt en welke uitdagingen moeten worden overwonnen. De studie inventariseert en categoriseert 50 educatieve praktijken, variërend van kunstinterventies in zorginstellingen tot transdisciplinaire minoren en hybride leeromgevingen. Uit de resultaten blijkt dat dergelijke cross-overs een meerwaarde kunnen hebben voor zowel studenten van gezondheidsstudies als kunststudenten door het bevorderen van empathie, samenwerking en reflectie, en de bevordering van vaardigheden zoals communicatie, creatieve probleembenadering en kritisch denken. Tegelijkertijd worden uitdagingen geïdentificeerd, waaronder beperkte zichtbaarheid van cross-overprojecten, het ontbreken van structurele inbeddingin curricula en een gemis aan wederkerigheid in samenwerkingen. De analyse toont aan dat kunstopleidingen sterk gefocust zijn op ervaringsleren, terwijl gezondheidsopleidingen vaak een meer functionele benadering volgen. Dit wijst op een behoefte aan meer gelijkwaardige en interprofessionele samenwerking. Het ontwikkelen van inzicht in het eigen en elkaars perspectief, en een gezamenlijke taal en infrastructuur is essentieel om barrières te overbruggen en duurzame cross-overeducatie te realiseren. Deze studie pleit voor meer ruimte in het onderwijs voor transdisciplinaire co-creatie en samenwerking met maatschappelijke partners.Deze review dient als basis voor de ontwikkeling van toekomstige educatieve praktijken op het snijvlak van kunst en gezondheid in het onderwijs. De inzichten in de review, alsook de input die verzameld wordt door de open oproep in deze review, kan bestaande educatieve praktijken versterken en nieuwe en duurzame initiatieven informeren in het groeiende educatieve veld van kunst en gezondheid
DOCUMENT
1e alinea column: Een van de simpele redenen dat we zoveel meningen, inzichten en dus vaak verwarring rond de impact van internet voorbij zien komen, is heel simpel dat we, in ieder geval in Nederland, zo veel verschillende begrippen gebruiken voor het zelfde. Dat is heel begrijpelijk maar tegelijkertijd jammer, omdat volgens mij vaak om die reden samenwerkingen niet tot stand komen en verbanden niet zichtbaar worden.
LINK
From the publisher's site: "Trial design: Self-management plays a central role in diabetes management. However, not all patients are able to translate the health care providers’ recommendations for effective self-management in daily life. Diabetes Education and Self-management to Increase Empowerment (DESTINE) primarily investigates the effects of group education program Proactive Interdisciplinary Self-Management (PRISMA) in primary care treated people with Type 2 Diabetes Mellitus (T2DM) on the use of an online care platform. Methods: The DESTINE study has a randomized controlled design (1:1). 200 patients with T2DM using an online care platform called e-Vita will receive either PRISMA in addition to usual care or usual care only. The primary endpoint of this study is usage of the e-Vita platform. The secondary endpoints are participation in the consultation with the care provider, adherence to oral diabetes medications, and a selection of self-reported and clinical measures. After six months, both groups will receive PRISMA in a 6 month extension phase. Discussion: PRISMA focuses on aligning treatment goals from different health care providers while the individual patient remains in the lead. The goal is to shift patients from being an information receiver towards applying self-management and becoming empowered health care participants. Though recognized as important; theoretically based group education is still not routinely offered in the Netherlands. In the future, depending on the study results, e-Vita and PRISMA could be implemented in regular diabetes care. Trial registration: Current Controlled Trials NTR4693. (aut. ref.)"
LINK
Nederlandse tuinbouwsector heeft een prominente positie. Om deze positie te behouden en te verstevigen, is human capital nodig én moeten publieke en private partijen samenwerken om tot innovatieve oplossingen te komen. Daarom voert het lectoraat HRM van Inholland in samenwerking met het lectoraat Duurzame Talentontwikkeling van de Haagse Hogeschool twee onderzoeken uit in de Greenport West-Holland op het thema “De mens in Innovatie”. De publiek-private krachten worden gebundeld in fieldlabs of learning communities. Deze samenwerkingen kunnen allerlei namen hebben en ook diverse innovatieve oplossingen bieden. In dit project gaan we op zoek naar hoe je ervoor kunt zorgen dat deze oplossingen uit dergelijke samenwerkingen kunnen worden verduurzaamd. We hebben twaalf factoren geïdentificeerd en deze in een tool verwerkt. De bijlagen zijn te vinden op: https://www.dehaagsehogeschool.nl/onderzoek/kenniscentra/projectdetails/groensector-in-verandering-greenport-west-holland
DOCUMENT
Doelstelling Het in beeld brengen van regionale technologie gedreven arbeidsmarktinitiatieven in de provincie Limburg, teneinde zicht te geven op de succes- en faalfactoren van dergelijke initiatieven. Vraagstelling Hoe verloopt de dynamiek bij het ontstaan en voortzetten van samenwerkingen tussen arbeidsmarktactoren bij regionale technologie gedreven arbeidsmarktinitiatieven? Opbouw verslag In het volgende hoofdstuk wordt eerst ingegaan op de theoretische achtergrond. Hierna volgt de methodologische verantwoording, waarna de resultaten worden weergegeven per arbeidsmarktinitiatief. Deze rapportage wordt afgesloten met een conclusie en aanbevelingen.
DOCUMENT
Het landelijke consortium SPRONG Meertaligheid bouwde voort op verschillende regionale netwerken, die verbonden waren aan de deelnemende hogescholen en partnerscholen in po, vo en mbo. Om zoveel mogelijk gebruik te maken van bestaande netwerken en daarmee ook tegemoet te komen aan de behoeften van de onderwijspraktijk, is ervoor gekozen om de bestaande regionale samenwerkingen als uitgangspunt te nemen, die te versterken, en daarnaast ook met elkaar op landelijk niveau te verbinden.
LINK
Steeds vaker werken onderzoekers in onderzoeksprojecten in het welzijns- en zorg domein samen met co-onderzoekers, mensen uit de onderzochte doelgroep. Ook bij verschillende hogescholen wordt ervaring opgedaan met het samenwerken met co-onderzoekers. In de literatuur wordt ook wel gesproken over peer onderzoekers, patiënt onderzoekers of ervaringsdeskundige onderzoekers, maar omdat in welzijn de term patiënt of ervaringsdeskundige minder herkend wordt en minder van toepassing is, gebruiken we in dit artikel de neutralere term co-onderzoeker. In dit artikel wordt de samenwerking met co-onderzoekers uitvoerig besproken en gaan wij in op drie praktijkvoorbeelden van collega’s en onszelf. We verkennen onder meer hoe het vormgeven van participatie verloopt, de vraag wanneer iemand een co-onderzoeker is en hoe hij/zij kan worden gefaciliteerd, dit alles met als doel de betekenis van deze vernieuwde inzet te verhelderen. Met dit artikel willen wij een aantal geleerde lessen delen en bijdragen aan het discours over nut van, randvoorwaarden voor en beperkingen aan de inzet van co-onderzoekers. Dit zal resulteren in een aantal tips en aanwijzingen voor onderzoekers die een samenwerking met co-onderzoekers ambiëren
DOCUMENT
Het Co-Design Canvas is een instrument om samenwerkingen rondom maatschappelijke uitdagingen met verschillende betrokkenen open en transparant te starten, plannen, uitvoeren en evalueren. Het biedt een hulpmiddel aan overheden, burgers, bedrijven, non-profitorganisaties, kennisinstellingen en andere belanghebbenden om helder te kunnen communiceren en samenwerken. Het maakt verschillen in belangen, kennis, ervaring en machtsverhoudingen inzichtelijk, staat vanaf het begin stil bij gewenste positieve impact en concrete resultaten en zorgt ervoor dat ieders stem echt gehoord wordt.
MULTIFILE
Dit liber amicorum, is geschreven door collega’s uit Nederland en elders in de wereld, ter ere van Frank de Jong, een zeer gewaardeerde lector van Aeres Hogeschool Wageningen, tevens hoogleraar aan de Open Universiteit. Frank was een van de eerste lectoren binnen Aeres Hogeschool en hij heeft bijgedragen aan en invloed gehad op de ontwikkeling van het praktijkgericht onderzoek binnen de faculteit in Wageningen en Aeres Hogeschool als geheel. Frank bestierde twee lectoraten: Responsief onderwijs én Kenniscreatie en ecologisch handelen. Het individu dat leert in een bepaalde context (sociaal of cultureel) staat centraal in zijn denken. Gandhi schreef eens dat ‘je zelf de verandering moet zijn die de wereld wil zien’. Hij benadrukte daarmee dat samen werken, samen leren en samen creëren start bij hetindividu. We moeten dus eerst zelf omarmen en belichamen wat we willen leren enontwikkelen. Dat typeerde Frank als lector. Hij probeerde te belichamen wat hij zelf onderzocht. Dat bleek een zoektocht. Een zoektocht waarin Frank zijn toehoorders soms bijna dwong om zijn gedachtegoed te omarmen. Ook als academic director van de Master Leren en Innoveren had hij invloed op de wijze waarop er geleerd werd. Met succes: de master is al jaren een topopleiding. Het beeld dat uit het liber amicorum naar voren komt, is dat van een hardwerkende, doelgerichte en vooral verbindende collega. Frank weet wat hij wil en kan daarin overtuigend zijn. Het spiegelt ook zijn vermogen om onderwijs, onderzoek en verschillende kennisdomeinen met elkaar te verbinden. Het is onze oprechte hoop dat dit boek niet alleen een eerbetoon aan Frank is, maar ook een bron van inspiratie voor professionals die geïnteresseerd zijn in hoe het individu leert en hoe kennis tot stand komt.
DOCUMENT