Kort artikel over de voortgang van de lectoraten 'Eigentijds toetsen en beoordelen' van lector Desiree Joosten-ten Brinke en 'professionaliteit van de beroepsgroep leraren en lerarenopleiders' van Quinta Kools
DOCUMENT
De positie van hogescholen in Nederland verandert. Hogescholen hebben, in het kader van Europese ontwikkelingen, de opdracht gekregen zich van onderwijsinstelling te ontwikkelen tot kennisinstelling voor de regio. Bij die ontwikkelingen hoort een aantal veranderingen, waaronder het verbeteren van de externe oriëntatie, curriculum vernieuwing, professionalisering van medewerkers en versterking van de kenniscirculatie en kennisontwikkeling, onder meer door het doen van onderzoek. In de nieuwe wet hoger onderwijs wordt deze nieuwe taak aan het hoger beroepsonderwijs omschreven als "ontwerp en ontwikkeling". In lectoren hebben we gekwalificeerde professionals die ons helpen bij die noodzakelijke veranderingen. In de periode vanaf 2001 is een groot aantal lectoraten gevestigd bij de verschillende hogescholen. De subsidiegever heeft in de afgelopen periode een aantal kwalitatieve en kwantitatieve evaluaties uitgevoerd. Het is nu tijd om, met oog voor de voortdurende ontwikkeling waar lectoraten zich nog in bevinden, op meer structurele wijze de kwaliteit en toegevoegde waarde van lectoraten te meten. De Haagse Hogeschool heeft samen met de Hogeschool Utrecht en de Fontys Hogescholen een aantal ontwikkeltrajecten uitgezet. In dat kader is in december 2006 aan Anke van Kampen en Is van Woerden, met ondersteuning van Meike de Jong, gevraagd te onderzoeken wat het maatschappelijk effect is van onze lectoraten in de regio. Het was geen eenvoudige opdracht omdat de lectoraten zeer divers zijn naar inhoud en in hun activiteiten en werkwijzen, alsmede vanwege de sterke wens de kwaliteitsmeting effectief maar vooral ook licht te houden. Naar mijn mening is de commissie goed in haar opdracht geslaagd. Het voorliggende rapport biedt voldoende basis voor de verdere ontwikkeling van een meetinstrument op genoemd terrein.
DOCUMENT
Hbo-opleidingen doen praktijkgericht onderzoek in lectoraten. Wat is het doel daarvan? Hoe werkt het? En welke lectoraten en lectoren zijn er in ons werkveld?
DOCUMENT
Uit verschillende hoeken klinkt de roep om uitbreiding van het aantal lectoren. Jan Baljé en Marjan Groenhuis van de Hanzehogeschool zien liever investeringen in versterking van de lectoraten. “De volgende stap in de ontwikkeling van onderzoek in het hbo ligt volgens ons in professionalisering.”
LINK
Het is een misverstand te denken dat innovatie alleen tot stand komt als een lineair en rationeel proces. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) haakt hier op in met een pleidooi voor third spaces als organisaties die intermediëren tussen universiteiten en bedrijven bij het laten ontstaan van innovaties. Lectoraten bij hogescholen kunnen deze rol ook vervullen.
DOCUMENT
At the end of January 2015 I was given a research assignment formulated and sponsored by two professors of professorships (hereafter lectoraten) associated with the Academy for Social Studies (SASS), and the manager of Professionals and Bedrijven (hereafter P&B). At a later stage, the research was expanded by the sponsorship of the educational managers of the bachelor and master studies of SPH and MWD. It is a complex assignment with several research perspectives and aims. The main goal was to find out how to make better use of the products of the lectoraten for educational purposes. This umbrella goal included many subordinate aims. One aim concerned identifying the products and prioritizing them according to the educational demands of clients in the field and of teachers of the SASS educational programmes. Another aim was to demonstrate which skills the teachers who develop educational materials need to have and to identify steps necessary to adapt the products. Yet another aim consisted of finding better ways for knowledge to circulate between the lectoraten and the teaching staff of SASS. Finally advising the staff of P & B on marketing and communications in relation to the products of the lectoraten was aimed at. Overview of the reportAs stated, there are multiple assignment-givers (hereafter sponsors). In the first section the general societal context which triggered the assignment has been sketched but contextual aspects related to each of the sponsors have also been identified (in Appendix 1). The individual contexts of sponsors were important because, although they agreed on the broad aims of the assignment, they naturally have specific expectations of the results based on their particular situations. After the background sketch, seven sub-tasks given by the sponsors have been turned into subordinate - research and consultation questions. The second section describes the methods used and measures taken to obtain findings. This includes an identification of the inventory structure, actors involved both intramurally and extramurally (the stakeholders). Next, a Delphi method for developing a profile of learner needs and a list of topics of products is described.In the third section, findings are set out in relation to the 7 sub-research and consultation questions. Some discussion and concluding remarks are given for most of the seven questions. The findings are written in English but most of the quotations from respondents have not been translated so they appear in Dutch. Section four summarises these findings in a compact manner since there were conclusions throughout the findings. Section five offers recommendations in Dutch. Attention is given to the different emphases of the sponsors in the details of recommendations. Please note that many end notes and appendices are offered for further reading since some of the approaches mentioned in the text may be unfamiliar to some readers. A word about terms Both Dutch and English employ a variety of terms to identify the provision (aanbod) of learning for adults in working environments and to identify the learning activities or programmes. This can be confusing but is, unfortunately, unavoidable. In Dutch, the terms ‘deskundigheidsbevordering, nascholing, bijscholing’ and ‘trainingsaanbod’ or occasionally ‘professionalisering’ are all used to indicate what in English is called ‘professional development’ (often abbreviated to PD) or ‘staff development’ or, recently, ‘professionalisation’ The typical Dutch use of the term ‘training’ for almost all stypes of learning activities has a somewhat more restricted meaning in English. Educational activities are often referred to as ‘learning trajectories’; ‘ learning opportunities’ or ‘interventions’ as well as, less commonly, ‘training sessions’ or ‘workshops’. All of the English terms are employed throughout this report. The most commonly used are ‘professionalisation’ or ‘PD’ for the provision and ‘interventions’ to indicate specific educational programmes or activities.
DOCUMENT
Op hogeschool Van Hall Larenstein zijn net als op vele andere hogescholen lectoraten opgezet. Het doel van deze lectoraten is om door middel van praktijkgericht onderzoek, de koppeling tussen het onderwijs en het werkveld te versterken. Door het uitvoeren van praktijkgericht onderzoek worden actuele vraagstukken uit het werkveld opgepakt door een lectoraat en uitgezet bij docent-onderzoekers. De docent-onderzoekers werken de vraagstukken gezamenlijk met de lector uit tot onderzoeksprojecten.
DOCUMENT
Om de Haagse Hogeschool/TH Rijswijk en haar lectoren middels een boekje te presenteren, is daarom gekozen voor een typisch 'Haags' thema, namelijk 'burgerschap'; de ontwikkelingen, mogelijkheden, vraagstukken en oplossingen in de relatie tussen mensen en hun omgeving, hun overheid, in een grote stad als Den Haag. Alle lectoren is gevraagd een hoofdstuk te schrijven over dit thema. Het resultaat is bijeengebracht in deze bundel. De bijdragen zijn zeer uiteenlopend van karakter: variërend van columns of essays tot begripsmatige en theoretische beschouwingen of empirisch onderzoek. zij zijn geschreven als illustratie voor een breed publiek van datgene waarmee onze lectoren zich bezighouden: een illustratie, hoe sterk de Haagse Hogeschool/TH Rijswijk in open verbinding staat met de ontwikkelingen in haar omgeving.
DOCUMENT
Bedrijven hebben het hbo ontdekt. Steeds meer hogescholen starten lectoraten voor praktijkgericht onderzoek, met steun van het publieke organisaties en het bedrijfsleven. Van de betere aansluiting tussen onderwijs en (arbeids)markt profiteren bedrijven, onderwijs en studenten. Living labs vormen daarbij de sleutel.
LINK
Koos Zwaan heeft een bijdrage geleverd aan deze publicatie in de vorm van het opstellen van de Domeinbeschrijving Kunst en Economie, het coördineren van de bijdragen van de bij dit domein aangesloten lectoraten en het mede opstellen van de beschrijving van de hogeschool Inholland. Inhoudelijke samenvatting: “Onderzoek is een kernwoord in de huidige kunsten geworden. In beeldende kunst, in ontwerpen, in podiumkunsten, in kunsteducatie staat research centraal. De artistieke praktijk wordt steeds meer als onderzoekend begrepen. Er is daarom een urgente behoefte aan onderzoek als integraal, professioneel verzorgd onderdeel van het kunstvakonderwijs. Naast artistiek (ontwerp-)onderzoek is er ook behoefte aan nieuwe verbindingen met wetenschappelijke onderzoeksdisciplines en methodologieën: cultuurwetenschappelijk, maatschappelijk, economisch en technologisch. In deze ontwikkelingen vervullen de lectoraten in het kunstvakonderwijs de initiërende en centrale rol.” Dit statement is tot stand gekomen op basis van individuele bijdragen van lectoren, die tijdens de Lectorendag (6 juni 2014) gebundeld werden. De lectoren was gevraagd een antwoord te formuleren op de vraag wat de belangrijkste karakteristiek is van onderzoek in kunstvakonderwijs. Leeswijzer Deze gids is een resultaat van de Taskforce KUO Onderzoek, en tot stand gekomen op basis van de individuele bijdragen van lectoren: zij maakten beschrijvingen van hun lectoraat, en verzorgden per domein gezamenlijk een domeinbeschrijving. De indeling in de hier gepresenteerde domeinen is discutabel; andere indelingen zijn mogelijk. Er is op dit moment gekozen voor een deels traditionele indeling in disciplines, en deels een thematische indeling. Hierdoor zijn er enkele lectoraten die onder twee domeinen ingedeeld zouden kunnen worden, maar bij één domein worden vermeld. Mogelijk wordt in het volgende jaar van de Taskforce de huidige indeling heroverwogen.
DOCUMENT