Objective: Health beliefs of overweight adults who did and did not enter an exercise program were compared to identify possible factors that hamper people to increase physical exercise. Method: Participants (n = 116, 78 women and 38 men) were overweight adults without comorbidities. Self-report instruments examined the burden of suffering, beliefs related to physical exercise and obesity, somatic complaints, and obesity-related quality of life of new participants of exercise programs versus sedentary non-exercisers. Results: Mean BMI of exercisers was and of non-exercisers was 34.6 (7.0) and 32.8 (5.8) respectively. The exercisers were more often female, had fathers with less overweight, and considered overweight a more serious health problem. Fear of injury was higher and perceived health benefits were lower in the non-exercisers, who also more often attributed their overweight to physical causes and believed overweight to be irreversible. Body weight, age, education level, somatic complaints, and quality of life of the groups were comparable. Conclusion: With respect to health beliefs, overweight non-exercisers reported more fear of injury and perceived their overweight as more irreversible than exercisers. Considering these factors in intervention and public health promotion may help overweight sedentary people to start physical exercise.
De COVID-19-pandemie heeft het belang duidelijk gemaakt van continuïteit van zorgverlening binnen de GGZ. Online behandeling is een veelbelovende oplossing daarvoor. Vaktherapie is een vaak ingezette behandeling voor psychiatrische aandoeningen. Vaktherapie is ervaringsgericht en bestaat uit beeldende, dans-, drama-, muziek-, psychomotorische en/of speltherapie. Vaktherapie wordt tot dusverre nog niet online aangeboden. Virtual Reality (VR) is een innovatieve manier om vaktherapie online aan te bieden. Eerder is een innovatieve online vaktherapieruimte ontwikkeld, de VR Health Experience (VRhExp). Hierdoor konden cliënten online vanuit huis aan vaktherapie deelnemen. De VRhExp werd door vaktherapeuten als veelbelovend beschouwd. Tegelijkertijd gaven vaktherapeuten aan specifieke interventies te missen. Het ´ARts and psychomotoR Interventions for Virtual rEality (ARRIVE)´ project stelt zich ten doel om vaktherapeutische VR-interventies te ontwikkelen en te bouwen voor de VRhExp. Vervolgens worden de VR-interventies in pilots onderzocht. Dit wordt gedaan door IT-technici, vaktherapeuten en onderzoekers met behulp van de Design Thinking methode. De VR-interventies worden Open Access beschikbaar gesteld. Door het opnemen van VR-interventies in de VRhExp wordt deze daadwerkelijk bruikbaar voor het aanbieden van online vaktherapie. Dit praktijkonderzoek wordt uitgevoerd door de lectoraten ‘Vaktherapie bij Persoonlijkheidsstoornissen’ en ‘Innovatie in de Care’ van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen in samenwerking met twee vaktherapeutische praktijken (MKB) en GGNet (Centrum voor Geestelijke Gezondheid). De onderzoeksresultaten worden geïmplementeerd in het onderwijs en het werkveld.
Big data spelen een steeds grotere rol in de (semi)professionele sport. De hoeveelheid gegevens die opgeslagen wordt, groeit exponentieel. Sportbegeleiders (coaches, inspanningsfysiologen, sportfysiotherapeuten en sportartsen) maken steeds vaker gebruik van sensoren om sporters te monitoren. Tijdens trainingen en wedstrijden worden de hartslagen, afgelegde afstanden, snelheden en versnellingen van sporters gemeten. Het analyseren van deze data vormt een grote uitdaging voor het begeleidingsteam van de sporters. Sportbegeleiders willen big data graag inzetten om meer grip te krijgen op sportblessures. Blessures kunnen namelijk desastreuze gevolgen hebben voor teamprestaties en de carrière van (semi)professionele sporters. In totaal stopt maar liefst 33% van de topsporters door blessures met hun sportloopbaan. Daarnaast is uitval door blessures een belangrijke oorzaak van stagnatie van talentontwikkeling. Het lectoraat Sportzorg van de Hogeschool van Amsterdam heeft veel expertise op het gebied van blessurepreventie in de sport. Sportbegeleiders hebben het lectoraat Sportzorg benaderd om antwoord te krijgen op de onderzoeksvraag: Wat zijn op data gebaseerde indicatoren om sportblessures te voorspellen? Deze onderzoeksvraagstelling is opgesplitst in de volgende deelvragen: 1. Hoe kan met sensoren relevante data van sporters verzameld worden om de sportbelasting in kaart te brengen? 2. Welke parameters kunnen blessures voorspellen? 3. Hoe kunnen deze parameters op betekenisvolle en eenvoudige wijze naar sportbegeleiders en sporters teruggekoppeld worden? Het project resulteert in de volgende projectresultaten: - Een overzicht van nauwkeurige en gebruiksvriendelijke sensoren om sportbelasting in kaart te brengen - Een overzicht van relevante parameters die blessures kunnen voorspellen - Een online tool dat per sporter aangeeft of de sporter wel of niet training- of wedstrijdfit is Bij dit project zijn de volgende organisaties betrokken: Hogeschool van Amsterdam, Universiteit Leiden, VUmc, Rijksuniversiteit Groningen (RuG), Amsterdam Institute of Sport Science (AISS), Johan Sports, Centrum voor Topsport en Onderwijs (CTO) Amsterdam, Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB), de Nederlandse Vereniging voor Fysiotherapie in de Sport (NVFS), VV Noordwijk (voetbalclub) en Black Eagles (basketbalclub).
An important line of research within the Center of Expertise HAN BioCentre is the development of the nematode Caenorhabditis elegans as an animal testing replacement organism. In the context of this, us and our partners in the research line Elegant! (project number. 2014-01-07PRO) developed reliable test protocols, data analysis strategies and new technology, to determine the expected effects of exposure to specific substances using C. elegans. Two types of effects to be investigated were envisaged, namely: i) testing of possible toxicity of substances to humans; and ii) testing for potential health promotion of substances for humans. An important deliverable was to show that the observed effects in the nematode can indeed be translated into effects in humans. With regard to this aspect, partner Preventimed has conducted research in obesity patients during the past year into the effect of a specific cherry extract that was selected as promising on the basis of the study with C. elegans. This research is currently being completed and a scientific publication will have to be written. The Top Up grant is intended to support the publication of the findings from Elegant! and also to help design experimental protocols that enable students to become acquainted with alternative medical testing systems to reduce the use of laboratory animals during laboratory training.