Volt doet in tien gemeenten mee aan de gemeenteraadsverkiezingen. De partij presenteert zich als de eerste Europese partij en veel journalisten en kiezers namen deze boodschap voor zoete koek aan: de partij is echter vooral Duits-Nederlands: daar zit het merendeel van de leden die beslissen over het programma wat in heel Europa aan de man moet worden gebracht. Dat laatste is niet eenvoudig: er is geen enkele reality check of alle Europese ambities ook aansluiten bij andere landen dan Nederland en Duitsland.
MULTIFILE
Ergens in 2007, schat men, werd het punt gepasseerd dat 50% van alle wereldbewoners in steden woonde. Dit percentage zal in de 21e eeuw nog sterk toenemen. Zowel het landschap als de stedelijke ruimte staan onder druk, transformeren onder invloed van economische, politieke, sociale of natuurlijke krachten. De huidige groei vindt voornamelijk plaats in ontwikkelingslanden en in de opkomende economieën van China, India en Zuid-Amerika. Een belangrijk deel van de verstedelijking hier is ongepland en ongestructureerd. In Europa doet zich een ander fenomeen voor. Onder invloed van globalisering en de EU beconcurreren de vele steden in het dichte stedelijke netwerk elkaar als vestigingslocatie voor kennisintensieve bedrijvigheid en creatief' talent. Steden en stedelijke regio's transformeren tot kennisregio's en hun dynamiek wordt bepaald door niet-plaatsgebonden, maar grens- en tijdoverschrijdende netwerken. De bijpassende netwerksamenleving is veel minder dan voorheen 'maakbaar' vanuit het oogpunt van overheidshandelen. Individuele burgers, maatschappelijke organisatie en marktpartijen organiseren zichzelf in steeds wisselende bondgenootschappen. Stedenbouw in deze condities betekend vooral het ruimtelijk anticiperen op dynamische maatschappelijke processen. Er is behoefte aan een nieuwe oriëntatie en een instrumentarium om in deze condities succesvol als ruimtelijk ontwerper te opereren. Het lectoraat wil hieraan een bijdrage leveren en zal zich zowel richten op onderzoek naar concepten van stedelijkheid als op toegepast (ontwerpend) onderzoek naar transformatieopgaven in Europese steden.
Met het Verdrag van Maastricht werd in 1992 de basis gelegd voor het streven naar een Europese dimensie in het onderwijs. Sindsdien hebben ontwikkelingen op het gebied van internationalisering en Europa op veel scholen een vlucht genomen, in de vorm van uitwisselingen, reisweken en andere internationale projecten. In het talenonderwijs biedt deze internationale blik niet alleen de gelegenheid om te werken aan taalvaardigheden: ook bij het onderdeel literatuur kan een dergelijk perspectief van meerwaarde zijn. In dit artikel bespreekt lerarenopleider en promovenda Anouk Zuurmond drie strategieën om een Europese dimensie te ontwikkelen in het literatuuronderwijs.
Hogeschool Van Hall Larenstein (HVHL) kent een lange geschiedenis als groene kennisinstelling met een internationale oriëntatie. Zij ontleent het internationale karakter onder andere aan haar verleden als Internationale Agrarische Hogeschool Larenstein uit Velp. Veel internationale netwerken van HVHL liggen buiten Europa. De Europese Green Deal en diverse Europese Missies op het vlak van bodem, water, climate-neutral cities, en Oceans bieden echter veel kansen voor toegepast onderzoek in het groen-blauwe domein in Europa. HVHL heeft in het instellingsplan diverse doelen opgenomen die deelname aan de Pilot Richting Europa rechtvaardigen. Zoals het opzetten en uitvoeren van toegepast onderzoek binnen internationale consortia. Een duidelijke ‘Europastrategie’ ontbreekt echter nog. Een bredere internationaliseringsagenda wordt momenteel ontwikkeld binnen HVHL. In dit project willen wij een degelijke strategie voor internationaal (Europees) onderzoek ontwikkelen die in de internationaliseringsagenda kan worden opgenomen. Met hulp van de regeling SIA Pilot Richting Europa willen we Europese subsidies in kaart brengen, een helder overzicht creëren van Europese instituties en een duidelijke strategie voor toegepast onderzoek in Europa formuleren. Daarnaast zijn we voornemens om de supportinfrastructuur te verbeteren door medewerkers te trainen.
De ambitie van het lectorenplatform Delta en Water technologie is om de kennisontwikkeling, innovaties te bevorderen via praktijkgericht onderzoek rond maatschappelijke uitdagingen door: • samenwerking tussen het hoger onderwijs, de sector, kennisinstituten en maatschappelijke organisaties te bevorderen en • experimenteerruimte te creëren voor de ontwikkeling van concrete oplossingen. Deze ambitie wordt gerealiseerd in de context van Living Labs en moet leiden tot exporteerbare toepasbare innovaties in (stedelijke) delta’s en daarmee versterking van de kennisinfrastructuur en de marktpositie van de Nederlandse delta- en watertechnologiesector. Door het initiëren, coördineren en uitvoeren van gebruikers georiënteerd en praktijkgericht onderzoek, onderwijs en training wil het lectorenplatform een bijdrage leveren aan een duurzame benutting van delta’s en de daarbij horende ecosysteemdiensten. Het doel van het platform is: • leveren bijdrage uitvoering Kennis-en innovatie agenda DT/WT • het bevorderen van kennisontwikkeling en innovaties door samenwerking in een open netwerk en door middel van living labs • versterken positie van praktijkgericht onderzoek in de kennisketen • bundelen van krachten voor deelname aan Europese kennisprogramma’s • professionalisering docent en student via een human capital agenda • vergroten van de interne en externe zichtbaarheid resultaten.