ObjectiveMany patients with coronavirus disease 2019 (COVID-19) infections were admitted to an intensive care unit (ICU). Physical impairments are common after ICU stays and are associated with clinical and patient characteristics. To date, it is unknown if physical functioning and health status are comparable between patients in the ICU with COVID-19 and patients in the ICU without COVID-19 3 months after ICU discharge. The primary objective of this study was to compare handgrip strength, physical functioning, and health status between patients in the ICU with COVID-19 and patients in the ICU without COVID-19 3 months after ICU discharge. The second objective was to identify factors associated with physical functioning and health status in patients in the ICU with COVID-19. Methods In this observational, retrospective chart review study, handgrip strength (handheld dynamometer), physical functioning (Patient-Reported Outcomes Measurement Information System Physical Function), and health status (EuroQol 5 Dimension 5 Level) were compared between patients in the ICU with COVID-19 and patients in the ICU without COVID-19 using linear regression. Multilinear regression analyses were used to investigate whether age, sex, body mass index, comorbidities in medical history (Charlson Comorbidity Index), and premorbid function illness (Identification of Seniors At Risk-Hospitalized Patients) were associated with these parameters in patients in the ICU with COVID-19. Results In total, 183 patients (N = 92 with COVID-19) were included. No significant between-group differences were found in handgrip strength, physical functioning, and health status 3 months after ICU discharge. The multilinear regression analyses showed a significant association between sex and physical functioning in the COVID-19 group, with better physical functioning in men compared with women. Conclusion Current findings suggest that handgrip strength, physical functioning, and health status are comparable for patients who were in the ICU with COVID-19 and patients who were in the ICU without COVID-19 3 months after ICU discharge. Impact Aftercare in primary or secondary care in the physical domain of postintensive care syndrome after ICU discharge in patients with COVID-19 and in patients without COVID-19 who had an ICU length of stay >48 hours is recommended. Lay Summary Patients who were in the ICU with and without COVID-19 had a lower physical status and health status than healthy people, thus requiring personalized physical rehabilitation. Outpatient aftercare is recommended for patients with an ICU length of stay >48 hours, and functional assessment is recommended 3 months after hospital discharge.
MULTIFILE
In many countries, the need for physical therapists to use standardised measures has been recognised and is recommended in clinical practice guidelines. Research has shown a lack of clinimetric knowledge and clinical application of measurement instruments in daily practice may hamper implementation of these guidelines. The aims of this study are 1) to investigate the current use of measurement instruments by Dutch physical therapists; 2) to investigate the facilitators and barriers in using measurement instruments.
Het aantal kwetsbare ouderen in Nederland neemt toe en huisartsen voelen vaak de behoefte om negatieve gezondheidsuitkomsten bij deze patiënten voor te zijn. Er zijn diverse screeningsinstrumenten ontwikkeld, waaronder veel vragenlijsten. Kwetsbaarheidsvragenlijsten waar onderzoek naar is gedaan, blijken negatieve gebeurtenissen echter niet beter te voorspellen dan de huisarts zelf. Het heeft dan ook geen zin om kwetsbaarheid te scoren met een standaard vragenlijst.
MULTIFILE
In 2016 hadden 3,8 miljoen mensen een hersenaandoening. Daarvan hebben 645.900 mensen niet aangeboren hersenletsel (NAH), zoals een beroerte of traumatisch hersenletsel. Indien deze NAH patiënten weer willen autorijden, moeten zij een medische keuring ondergaan en, op indicatie, een CBR-rijtest om de rijgeschiktheid te beoordelen. De medische keuring en de rijtest hebben een eenmalig karakter en zijn gebaseerd op een momentopname. Tijdens de rijtest beoordelen examinatoren op basis van hun observaties tijdens een autorit of verkeersdeelname (weer) verantwoord is. Een bepaalde mate van subjectiviteit en afhankelijkheid van de verkeerssituatie op het moment van assessment zijn daarbij onontkoombaar. Inzet van technologie heeft de potentie om assessment van rijgeschiktheid te objectiveren en valideren. In wisselende virtuele verkeersscenario’s worden objectieve metingen van relevante parameters gedaan: hartslag, reactiesnelheid en kracht van armen en benen. Uitvoering van deze assessments door zorgprofessionals in de eerste lijn en doorvertaling van praktische implicaties voor training of technische aanpassingen draagt bij aan gepersonaliseerde adviezen aan individuele NAH-patiënten. Een eerste aanzet tot personalisering van rijtests voor NAH-patiënten is gegeven door mkb-partner Noldus Technology. Zij ontwikkelen specifieke Drive Lab software voor assessment van NAH-patiënten, gericht op frequent voorkomende functiebeperkingen in deze doelgroep (bv. reactiesnelheid en kracht van armen en benen). Het revalidatiecentrum van de Sint Maartenskliniek stelt zich ten doel om neurologische patiënten optimaal voor te bereiden op maatschappelijke participatie na ontslag. Mede daartoe profileert deze kliniek zich met innovatieve technologie en klinimetrie ten behoeve van een optimale voorbereiding van NAH-patiënten en zorgverleners in de extramurale setting. Praktijkgericht onderzoek met het Drive Lab past binnen dit streven, aangezien de uitkomsten van Drive Lab assessments belangrijke implicaties geven voor randvoorwaarden voor rijgeschiktheid, zoals technische aanpassingen van een auto. In dit project wordt onderzocht over welke specifieke kennis en skills HBO-professionals moeten beschikken om het Drive Lab in de klinische praktijk te gebruiken.
Ongeveer 90% van de mensen met reumatoïde artritis (RA) krijgt te maken met voetproblemen als gevolg van ontstekingen in voetgewrichten en omringend weefsel. Als deze ontstekingsactiviteit niet tijdig wordt behandeld kan dit gewrichtsschade en afwijkingen in de stand- en functie van de voeten tot gevolg hebben. Voetproblemen bij RA leiden tot pijn maar ook tot beperkingen in fysiek functioneren en een verminderde kwaliteit van leven. In de diagnostiek en behandeling van RA-gerelateerde voetproblemen kunnen verschillende disciplines, waaronder de podotherapeut, een belangrijke rol spelen. De primaire behandeling bestaat uit medicamenteuze behandeling van ontstekingsactiviteit. Daarnaast kunnen verschillende conservatieve behandelingen worden toegepast, zoals op maat gemaakte zolen of schoenen. Het methodisch podotherapeutisch handelen bij RA-gerelateerde voetklachten is onlangs uitgewerkt in een klinisch protocol. In dit protocol wordt het belang van tijdige en goede podotherapeutische diagnostiek benadrukt. Door het tijdig detecteren van voetproblemen, en met name ontstekingsactiviteit, kan een gerichte behandelstrategie worden toegepast waardoor meer ernstige en blijvende voetproblemen voorkomen kunnen worden. Podotherapeuten in Nederland passen de diagnostiek volgens het klinisch protocol in beperkte mate toe omdat het in de huidige vorm niet goed toepasbaar blijkt in de praktijk. Daarnaast ervaren zij problemen bij het detecteren van ontstekingsactiviteit in de voeten van mensen met RA. Deze knelpunten in de podotherapeutische diagnostiek kunnen leiden tot ondergebruik van noodzakelijke voetzorg door mensen met RA. Binnen dit KIEM-project gaan wij een praktisch toepasbare support-tool ontwikkelen ter ondersteuning van de podotherapeutische diagnostiek van RA-gerelateerde voetklachten. Deze tool biedt sturing aan de diagnostiek en wordt geïntegreerd in elektronische patiënten dossiers waardoor het laagdrempelig en praktisch toepasbaar is in de podotherapiepraktijk. Hierdoor leveren we een bijdrage aan het tijdig detecteren van specifieke voetproblemen waarna een gerichte behandeling kan worden gestart ter preventie van ernstige en blijvende voetproblemen.