The current COVID-19 pandemic confines people to their homes, disrupting the fragile social fabric of deprived neighbourhoods and citizen’s participation options. In deprived neighbourhoods, community engagement is central in building community resilience, an important resource for health and a prerequisite for effective health promotion programmes. It provides access to vulnerable groups and helps understand experiences, assets, needs and problems of citizens. Most importantly, community activities, including social support, primary care or improving urban space, enhance health through empowerment, strengthened social networks, mutual respect and providing a sense of purpose and meaning. In the context of inequalities associated with COVID-19, these aspects are crucial for citizens of deprived neighbourhoods who often feel their needs and priorities are ignored. In this perspectives paper, illustrated by a varied overview of community actions in the UK and The Netherlands, we demonstrate how citizens, communities and organizations may build resilience and community power. Based on in-depth discussion among the authors we distilled six features of community actions: increase in mutual aid and neighbourhood ties, the central role of community-based organizations (CBOs), changing patterns of volunteering, use of digital media and health promotion opportunities. We argue that in order to enable and sustain resilient and confident, ‘disaster-proof’, communities, areas which merit investment include supporting active citizens, new (digital) ways of community engagement, transforming formal organizations, alignment with the (local) context and applying knowledge in the field of health promotion in new ways, focussing on learning and co-creation with citizen initiatives.
Objectives: This study assesses social workers’ orientation toward the evidence-based practice (EBP) process and explores which specific variables (e.g. age) are associated. Methods: Data were collected from 341 Dutch social workers through an online survey which included a Dutch translation of the EBP Process Assessment Scale (EBPPAS), along with 13 background/demographic questions. Results: The overall level of orientation toward the EBP process is relatively low. Although respondents are slightly familiar with it and have slightly positive attitudes about it, their intentions to engage in it and their actual engagement are relatively low. Respondents who followed a course on the EBP process as a student are more oriented toward it than those who did not. Social workers under 29 are more familiar with the EBP process than those over 29. Conclusions: We recommend educators to take a more active role in teaching the EBP process to students and social workers.
The guidance offered here is intended to assist social workers in thinking through the specific ethical challenges that arise whilst practising during a pandemic or other type of crisis. In crisis conditions, people who need social work services, and social workers themselves, face increased and unusual risks. These challenging conditions are further compounded by scarce or reallocated governmental and social resources. While the ethical principles underpinning social work remain unchanged by crises, unique and evolving circumstances may demand that they be prioritised differently. A decision or action that might be regarded as ethically wrong in ‘normal’ times, may be judged to be right in a time of crisis. Examples include: prioritising individual and public health considerations by restricting people’s freedom of movement; not consulting people about treatment and services; or avoiding face-to-face meetings.
MULTIFILE
In het kader van de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) experimenteren welzijn- en zorgprofessionals op grote schaal met nieuwe methodieken om hulpvragen van burgers goed op te pakken en op te lossen (dagbesteding, vervoer, huishoudelijke zorg, etc.). Die ondersteuning moet goedkoper worden met behoud van levenskwaliteit van burgers. Gemeenten kunnen met professionals en burgers zelf een passende aanpak kiezen. Social workers, wijkverpleegkundigen en ergotherapeuten in de gemeenten Maastricht en Peel & Maas ervaren een grote variatie in aanpakken en merken dat er veel onduidelijkheid bestaat over welke aanpak het meest geschikt is. Ze willen niet alleen de onderlinge samenwerking verbeteren, maar ook de samenwerking met burgers. Deze professionals zijn concreet op zoek naar praktische hulpmiddelen om (1) de ondersteuningsvraag van burgers goed in kaart te brengen, (2) samen met burgers geschikte oplossingen te vinden en uit te voeren, en (3) de uitkomsten van dit traject goed en eenvoudig te monitoren. Hiervoor hebben de professionals en betrokken gemeenten ondersteuning gevraagd aan de Wmo-werkplaats van Zuyd Hogeschool, het Huis voor de Zorg en het Expertisecentrum voor Innovatieve Zorg en Technologie, waarvan Zuyd de penvoerder is. Ze worden daarbij ondersteund door Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, Universiteit Maastricht, Movisie en diverse Limburgse welzijn- en zorgorganisaties. In leergemeenschappen in iedere gemeente gaan professionals, burgers, docent-onderzoekers en studenten samen aan de slag om de lokaal reeds ingezette hulpmiddelen en methodieken verder aan te scherpen en te verbeteren. Dit gebeurt middels actie-onderzoek waarin stapsgewijs verbeteringen in de aanpak worden uitgeprobeerd, geëvalueerd en doorgevoerd. Op systematische wijze worden kennis en ervaringen tussen de twee leergemeenschappen uitgewisseld zodat er optimaal van elkaar geleerd kan worden. Dit leidt uiteindelijk tot een concreet en gedragen ondersteuningspakket voor professionals en burgers dat zowel voor de beroepspraktijk als een breed scala aan opleidingen ter beschikking komt.
De laatste jaren is er veel veranderd in het sociale domein, waar bijvoorbeeld de schuldhulpverlening onder valt. Sociale hulpverleners, hebben daardoor meer dan ooit juridische kennis en vaardigheden nodig. In verschillende onderzoeken kijken we hoe bewust sociale hulpverleners omgaan met het recht.Doel Hoe bewust zijn sociale professionals, zoals wijkteamleden, zorgverleners en sociaal raadslieden, zich van de juridische gevolgen van hun handelen? Het lectoraat Toegang tot het Recht voert in de periode 2017-2023 verschillende onderzoeken uit waarin dit onderwerp centraal staat. We kijken onder meer naar hulp en recht in sociale wijkteams en sociaal werkers en mensenrechten. Resultaten De afgeronde onderzoeken hebben geleid tot wetenschappelijke publicaties, vakpublicaties en een adviesrapport voor docenten. Wetenschappelijke publicaties Social Workers as Local Human Rights Actors? Their Response to Barriers in Access to Care and Support in the Netherlands (Journal of Human Rights Practice, juli '21). Social Support and Access to Justice at the Kitchen Table? An Assessment of the Legal Capabilities of Community Social Care Professionals in the Netherlands (European Journal of Social Work, juli 2019). Tussen Burgers en Recht Lokaal? Sociaal Raadslieden over Toegang tot Zorg en Ondersteuning Tussen burgers en mensenrechten lokaal: Sociale professionals over toegang tot zorg en ondersteuning Sociaal werk: Een mensenrechtenberoep bij uitstek? Met recht een zorg: Lokale sociale professionals als poortwachters van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Translators, Advocates or Practitioners? Social Workers and Human Rights Localization Hulp en Recht aan de Keukentafel: De toegang tot de Wet maatschappelijke ondersteuning volgens lokale professionals Vakpublicaties Fundamentele rechten: De sociaal werker draagt een mensenrechtenbril. In: Vakblad Sociaal Werk, nummer 6, december 2017. Adviesrapport Sociaal werk en Mensenrechten Animatie VN-verdrag Handicap binnen de Wmo 2015 Deze animatie is het resultaat van interprofessionele samenwerking van het Lectoraat Toegang tot het Recht met professionals uit de praktijk en het onderwijs. Het is het afstudeerproject van Britta Bavelaar (Sociaal Juridische Diensverlening) binnen het promotieonderzoek 'Human Rights and Social Work: Challenges of local professionals at the frontline’. Het laat zien hoe de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) en het VN-Verdrag Handicap verbonden zijn en hoe dit wijkteams kan helpen bij goede besluitvorming en het realiseren van gelijke rechten voor iedereen. Looptijd 01 januari 2017 - 31 december 2023 Aanpak