Lezing tijdens Education Day Duurzaamheid & Innovatie
LINK
Course materials play a vital role in the foreign language classroom. Relatively little attention has been paid, however, to analyzing the activities that foster oral interactional ability in EFL course materials. For the purpose of this study, a coding scheme was designed that focuses specifically on the development of interactional ability. This was used to analyse the three most commonly used EFL course books for pre-vocational learners in The Netherlands. The analysis revealed that course books focus more on developing language knowledge than on developing the ability to use this knowledge in interaction, that interactional strategies practice is missing, and that interactional practice is limited to the personal and public context. We conclude that EFL course books lag behind current SLA theories in the practical application of activities focused on developing interactional ability. Recommendations to strengthen the link between theory and practice are made.
Across the globe, linguistically heterogeneous populations increasingly define school systems at the same time that developing the ability to communicate cross-culturally is becoming essential for internationalized economies. While these trends seem complimentary, they often appear in paradoxical opposition as represented in the content and execution of nationwide education policies. Given the differing geopolitical contexts within which school systems function, wide variation exists with regard to how policymakers address the challenges of providing language education, including how they frame goals and design programs to align with those goals. Here we present a cross-continental examination of this variation, which reveals parallel tensions among aims for integrating immigrant populations, closing historic achievement gaps, fostering intercultural understanding, and developing multilingual competencies. To consider implications of such paradoxes and parallels in policy foundations, we compare language education in the US and in the EU, focusing on the Netherlands as an illustrative case study.
LINK
Wil je als docententeam meer zicht krijgen op het gehele toetsprogramma? Wil je kritisch kijken naar mogelijke verbeterpunten? Of ben je bezig met herontwerp? Met KIT2.0 kijk je als opleidingsteam vanuit de principes van programmatisch toetsen naar de inrichting van de opleiding.Doel Met KIT2.0 willen we opleidingsteams helpen om kritisch naar het curriculum en het toetsprogramma te kijken. Dit doen we aan de hand van vijf kwaliteitscriteria: fitness for purpose, validiteit, leerfunctie, beslisfunctie en condities. Resultaten Op de website van KIT2.0 vind je informatie en filmpjes met verdere uitleg. Via de website kun je ook (gratis) inloggen en zelf aan slag met KIT2.0. Op de website www.husite.nl/toetsing vind je informatie en praktijkvoorbeelden over programmatisch toetsen Blog over interview met Liesbeth Baartman over KIT2.0. Korte uitleg van dr. Liesbeth Baartman (2017) programmatisch toetsen. Toetsbijeenkomst Hogeschool van Rotterdam. Keynote van dr. Liesbeth Baartman (2017) met een inleiding over toetsprogramma’s. Fontys Toetscongres. Baartman, L.K.J., Kloppenburg, R., & Prins, F.J. (2017). Kwaliteit van toetsprogramma’s. In H. van Berkel, A. Bax, & D. Joosten-ten-Brinke (Red.). Toetsen in het Hoger Onderwijs, pp.38-49. Bohn Stafleu van Loghum Van der Vleuten, C.P.M., Schuwirth, L.T.W., Driessen, E., Dijkstra, J., Tigelaar, D., Baartman, L.K.J., & Van Tartwijk, J. (2012). A model for programmatic assessment fit for purposes. Medical Teacher, 34, 205-214. Dronkers, J., de Kwant, E., Kruitwagen, C., & Baartman, L. (2017). Kwantitatieve analyse van een toetsprogramma. Examens, 3, augustus. Looptijd 01 september 2018 - 01 september 2020 Aanpak KIT2.0 is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek naar programmatisch toetsen. De oorsprong van KIT2.0 ligt in de promotieonderzoeken van dr. Liesbeth Baartman en dr. Raymond Kloppenburg (waaruit KIT1.0 voortkwam). KIT2.0 is ontwikkeld op basis van nieuwste inzichten in de wetenschappelijk literatuur over programmatisch toetsen én 10 jaar praktijkervaringen. KIT2.0 is ontwikkeld in valideringsrondes met opleidingen en wetenschappers. Meedoen? Wil je als opleiding meedoen aan het onderzoek naar KIT2.0? Neem dan contact op met Liesbeth Baartman. We werken aan de evaluatie en verbetering van KIT2.0 op basis van praktijkervaringen.
Toetsbekwaamheid is een belangrijk onderdeel van de professionalisering van docenten in het hoger beroepsonderwijs (hbo) die, in het algemeen, niet zijn opgeleid tot docent. In dit promotieonderzoek herdefiniëren we toetsbekwaamheid naar duurzame toetsbekwaamheid als een authentieke, dynamische en contextafhankelijke sociale praktijk. Het promotieonderzoek geeft inzichten in huidige professionaliseringstrajecten en hun bijdrage aan de duurzame toetsbekwaamheid van hbo-docenten.Doel We willen inzicht krijgen in wat het betekent om toetsbekwaam te zijn en te blijven in de dagelijkse praktijk van hbo-docenten en welke bijdrage de huidige professionaliseringstrajecten daaraan leveren. We richten ons op: Wat duurzame toetsbekwaamheid is volgens hbo-docenten in Nederland; Hoe duurzame toetsbekwaamheid in bestaand onderzoek wordt beschreven en geoperationaliseerd; Hoe de huidige professionaliseringstrajecten in het hbo zijn te typeren aan de hand van de operationalisatie van duurzame toetsbekwaamheid; De samenhang tussen de professionaliseringstrajecten en de ervaren duurzame toetsbekwaamheid van de hbo-docenten Resultaten Dit onderzoek loopt. Na afloop vind je hier een samenvatting van de resultaten. De verwachte opbrengsten resulteren in: Wetenschappelijke opbrengsten: vier artikelen, presentaties op conferenties en proefschrift. Praktijkgerichte opbrengsten: publicaties, workshops, en presentaties voor betrokkenen uit het hbo, inbedding in het project “Je ogen uitkijken” vanuit de Vereniging van Hogescholen (www.toetsbekwaamheid.nl). Behaalde resultaten Onderzoeksplan 'Naar duurzaam toetsbekwame hbo-docenten’. Meijer,K., Van Schilt-Mol, T., Dobbelaer, M., Baartman, L., Van der Linden, J. & Munneke, L. (2020). Voortdurende toetsbekwaamheid in het hoger beroepsonderwijs; een eerste verkenning. Examens: Tijdschrift voor de toetspraktijk, 24-34. Verwachte resultaten kunnen helpen bij het ontwerpen en uitvoeren van professionaliseringsactiviteiten en -trajecten met betrekking tot toetsbekwaamheid in het hbo. Looptijd 01 januari 2020 - 01 januari 2024 Aanpak Dit promotieonderzoek betreft een samenwerking tussen de Open Universiteit (OU) en het lectoraat Beroepsonderwijs. De promotoren vanuit de OU zijn prof. dr. Elly de Bruijn (ook lector Beroepsonderwijs aan de HU), en prof. dr. Marjan Vermeulen. De co-promotor vanuit het lectoraat Beroepsonderwijs is dr. Liesbeth Baartman. De definiëring en operationalisering van duurzame toetsbekwaamheid is de kern van dit promotieonderzoek en zal vanuit diverse perspectieven worden ingevuld. Deze perspectieven zijn de basis voor de eerste drie deelstudies, te weten: de opvattingen van hbo-docenten – kwalitatief focusgroep onderzoek bij hogescholen in Nederland bestaand onderzoek – literatuurstudie de huidige professionaliseringstrajecten op het gebied van toetsbekwaamheid – typologiestudie De laatste deelstudie is gericht op het verifiëren van deze definiëring en operationalisering bij de hbo-docenten middels grootschalig kwantitatief onderzoek.
Tijdens de rijopleiding leren bestuurders verkeersregels toe te passen, situaties in te schatten en het voertuig te besturen. Hoewel een beperkt aantal rijopleiders pakketten aanbiedt inclusief lessen in een rijsimulator, is het overgrote deel van de voorbereiding op zowel de theorie- als de praktijkexamen de afgelopen jaren nauwelijks gemoderniseerd door middel van nieuwe technieken. Hier ligt een grote kans voor de creatieve sector. Door gebruik te maken van de sterke punten van VR, zoals immersie, kan de rijopleiding een grote innovatieslag maken. Hierbij is het essentieel te bepalen wat de visuele en interactieve eisen zijn aan een VR omgeving om een comfortabele (geen motion sickness) training in te richten en te bepalen wat de ontwerpruimte is om een gevarieerd en zinvol trainingsaanbod aan te bieden. Deze aanvraag spitst zich toe op de rijopleiding, maar de benodigde visuele en interactieve eisen zijn belangrijke issues voor een breder spectrum van trainingen. De belangrijkste punten van deze aanvraag zijn dan ook het opstellen van generieke ontwerpvoorwaarden 1) voor de benodigde visuele en interactieve elementen, waarbij een 2) comfortabele VR ervaring ten behoeve van een complexe en dynamische taak zoals autorijden een belangrijke focus is. 3) Met deze ontwerpvoorwaarden zullen studententeams enkele prototypes opleveren, welke geëvalueerd zullen worden. 4) Het huidige netwerk zal worden versterkt en verbreed, 5) voor een grotere vervolgaanvraag om de beroepspraktijk van rijopleidingen te vernieuwen én de kennis te vergroten voor de creatieve industrie over het gebruik VR en playful design van effectieve trainingen.