Taal is overal. Thuis, op school, in de stad. Maar welke taal? Antwerpen telt op dit ogenblik meer dan 170 nationaliteiten die elk hun eigen taal spreken. Dialecten en sociolecten niet meegerekend. Een smeltkroes van klanken en betekenissen die de communicatie er niet eenvoudiger op maakt. Via projecten binnen onderwijs, welzijn, inburgering, worden oude en nieuwe bewoners aangezet om met elkaar in gesprek te treden. Ook cultuur draagt hier haar steentje bij. Vijftien Antwerpse musea creëren taaloefenkansen vanuit hun diverse collecties. Boeken, schilderijen, voorwerpen en zelfs gebouwen die de dialoog tussen collecties, maar vooral mensen opzetten. Activerend taalgebruik in het museum dat voor even een leercentrum wordt, waarbij de waarheid vaak ondergeschikt is aan de persoonlijke mening van elke leerling/bezoeker.
LINK
Despite the increase in the number of entrepreneurship initiatives and interventions, there is a poor understanding of the range of entrepreneurship programs in secondary education and their learning objectives. This study provides insight into the current supply of entrepreneurship programs and their underlying pedagogy in secondary education in the Netherlands. To examine existing offerings and their underlying pedagogy, we used the 11 design principles of Baggen, Lans, and Gulikers (2021). Data were collected from three different sources for triangulation purposes - data from Vecon Business Schools (VBS) application forms, interviews with VBS schools, and documents and additional information (student ratings, learning goals, missions, and visions). Our findings show that schools offer mostly causation-oriented and traditional entrepreneurship programs, in which there is little room for effectuation-oriented education. Also, due to the lack of a clearly stated mission, vision and learning goals of entrepreneurship education, schools pay little attention to the effect of entrepreneurship education on entrepreneurship skills/intentions. However, we observe that schools acknowledge this and slowly design and offer entrepreneurship programs more consciously.
After 15 years of digital openness in education with as its most visible elements OER and MOOCs, the open community is challenged to widen adoption of openness in teaching practices to (as Rogers puts it) the early and late majority of teachers. For them to adopt, the gain should be clear and directly visible to have them adopt openness. Arguments like it saves students money, it is efficient because you will not reinvent the wheel or publishing quality OER and MOOCs adds to the reputation of our institution are, how true they might be, not appealing to teachers who are in most cases crowded with their day-to-day teaching tasks. One approach to overcome this hurdle is to connect to the core of a teacher’s job: pedagogy. We assume each teacher has a vision on when his/her course can be called a success and what this means for activities s/he and the students have to perform. Many teachers experience challenges in realizing their optimal lectures. For some of these challenges forms of open online education can be of use, especially in enhancing pedagogical opportunities. The latter is called Open pedagogy. To create awareness of the world of open and the opportunities it may have, we have developed a workshop for teachers and teacher support. This workshop has been delivered several times in Fall 2016. In the presentation we elaborate on the content of this workshop, the experiences we had, the feedback of the participants and the impact it had after taking the workshop. The materials used in this workshop and a script is published under a CC BY license and is available in both Dutch and English. This creates the opportunity to conduct the workshop locally for everyone interested, stimulating/increasing chances for widespread adoption of open education in (formal) education.
LINK
De, bijna oneindige, mogelijkheden van digitale (3D print)technieken prikkelen de geest en zetten aan tot creatief denken. Voorheen onmogelijke vormen worden mogelijk en kunnen op locatie en op maat worden gemaakt. Het (primair) onderwijs ziet grote potentie in 3D (print)technieken als onderwijsthema om structureel en actief mee aan de slag te gaan in de klas, om 21ste Century Skills te ontplooien bij zowel leerkrachten als leerlingen en om als thema in te zetten binnen Wetenschap & Technologie-onderwijs. De onderwijsketen is een cruciale partner in de Human Capital Agenda met haar taak om van jongs af aan kinderen op te leiden tot een moderne professional die kan uitblinken in een snel veranderende innovatie-economie. Met dat doel voor ogen zoekt het primair onderwijs structureel naar manieren om de lesprogramma’s actueel en effectief te houden. Door een toenemend aanbod van 3D (print)technieken en diensten zoeken directies, leerkrachten maar ook het team talentontwikkeling van de Gemeente Enschede naar betrouwbare experts die de scholen advies, begeleiding en (uiteindelijk) professionalisering op maat kunnen bieden. Saxion FabLab Enschede, een publieke moderne makerspace en verbonden aan Saxion Lectoraat Industrial Design, richt zich op de verbinding tussen (HBO) onderwijs, onderzoek en het bedrijfsleven. Sinds de oprichting in 2011 krijgt het FabLab ook structureel vragen vanuit het primair onderwijs (PO) om deze doelgroep hands-on in contact te brengen met moderne (3D) technieken. Waar mogelijk zijn bovengenoemde vragen opgepakt met in samenwerking met scholen en bedrijven. Knelpunten die hierbij naar voren zijn gekomen, zijn dat leerkrachten na de opstart niet weten hoe ze onvermijdelijke technische problemen moeten oplossen en/of het ontbreekt hen de kennis om een volgende verdiepende stap (zelf) te zetten. Gevolg is dat men niet verder komt dan het doen van demonstraties en/of een eerste (simpel) productje, of dat de printers stil in een hoek staan te ver-stoffen. Deze ervaringen uit Enschede zijn in lijn met conclusies van een eerder onderzoek in Flevoland (Van Keulen & van Oenen, 2015) Doel van het traject “3D in de klas” is de bundeling van krachten binnen het consortium rondom de ontwikkeling van uitdagend en uitnodigend Wetenschap & Techniek-onderwijs voor leerling en leerkracht in het primair onderwijs, door leerkrachten te scholen in 3D printen, door lesprogramma’s te ontwikkelen die verder gaan dan het ‘printen van de standaard sleutelhanger’ en door een didactische verbreding te bieden door het koppelen van kennisdomeinen. Het initiatief voor gezamenlijk onderzoek en 3D in de Klas is opgedeeld in drie delen: Deel 1) Mapping the state of the art: leren van eerdere initiatieven en de knelpunten. Deel 2) Doelgroep betrokkenheid in kaart brengen, van leerkrachten en leerlingen, inhoudelijk en organisatorisch. Deel 3) Structurele inbedding, door afstemming op en integratie in de PO-keten. Het voorliggende projectvoorstel beslaat deel 1 van dit traject. Resultaat van dit deelproject hiervan vormt de basis voor deel 2 en 3 in een vervolgtraject, mogelijk in een RAAK-publiek vorm. Saxion FabLab Enschede heeft de afgelopen jaren een actief consortium opgebouwd dat bovenstaande impasse wil doorbreken. Het consortium bestaat naast het FabLab o.a. uit: Saxion Lectoraat Industrial Design en Academie Pedagogiek en Onderwijs, ESV, Stichting Consent, Bètatechtniek, Gemeente Enschede (Team Talentontwikkeling) en het bedrijf LAYaLAY.
‘Waarom moeilijk doen als het samen kan?’ Het thema voor de City Deal Kennis Maken Den Bosch is Positieve gezondheid. Hierbij worden gezondheidsproblemen zo vroeg mogelijk in beeld gebracht en zoveel mogelijk voorkomen. Het gaat daarbij zowel om individuele bewoners als om de maatschappelijke context. Dit vereist een nieuwe manier van werken met nieuwe rollen en vaardigheden van beleidsmakers, professionals, onderzoekers en inwoners op diverse beleidsvelden. Gemeente ‘s-Hertogenbosch en kennisinstellingen Avans Hogeschool, HAS Hogeschool, Fontys Hogeschool, Koning Willem I College en Helicon Opleidingen, zijnde de huidige partners van de City Deal, slaan de handen ineen om de kennis in de stad in te zetten voor het oplossen van complexe maatschappelijke vraagstukken. In 2019 hebben we kennisgemaakt en gezamenlijk de eerste projecten uitgevoerd binnen het thema Positieve gezondheid. Daarnaast zijn ook JADS en de Koningstheateracademie betrokken, zodat alle MBO-, HBO- en WO-instellingen in de stad verbonden zijn. Dat is voor ‘s-Hertogenbosch een uniek samenwerkingsverband. In 2020 en 2021 gaan we de aanpak zoals in 2019 ingezet voortzetten waarbij we blijven zoeken naar verbreding, intensivering en verduurzaming van projecten en samenwerkingen. De impulsgelden gebruiken we de aankomende 2 jaar voor de inzet van een aanjager, communicatie en een jaarlijkse kennisdelingsdag in/voor/met de stad. We vinden het een succes als de City Deal Kennis Maken voor studenten, docenten en onderzoekers zinvolle, maatschappelijk relevante en interessante opdrachten en samenwerkingen/projecten oplevert, en er een goed functionerend kennisecosysteem is. Dat bereiken we door een netwerk van professionals met zeven onderwijspartners en gemeente te bouwen dat de intentie heeft om langdurig met elkaar samen te werken. Wij weten elkaar in de stad te vinden en geven studenten, docenten en onderzoekers de mogelijkheden om bij te dragen aan het oplossen van de maatschappelijke opgaven van de stad. Daarbij ligt de focus op het thema Positieve gezondheid.
Het tweejarige postdoc onderzoeksproject Common Ground gaat de verschillende soorten onderzoeksmethodologie verkennen die op HKU in praktijk gebracht worden, deze in een samenhangend kader en visie vatten en verder ontwikkelen tot een ontwerpmethode, in de context en het discours van artistiek onderzoek. Dat omvat het onderzoek van lectoraten en andere onderzoeksprogramma’s en de pedagogiek van onderzoeksbegeleiding van studenten op methodologisch niveau begeleiden. De hypothese is dat de kwaliteit van onderzoeksprocessen, -uitkomsten en -impact door een geavanceerde benadering van onderzoeksontwerp in de kunsten aanzienlijk verhoogd kan worden. Dit betekent niet om alle verschillende benaderingen tot één manier van onderzoek doen samen te brengen . Het gaat om het ontwikkelen van een gedeelde visie over het ontwerp van onderzoeksmethodologie, baserend op de gehele visie van HKU op onderzoek. Het project zal in vier fasen uitgevoerd worden: • conceptueel-ethisch-filosofische kadering, • ontwikkeling van een methodologisch model en • inbedding in het onderzoek op de HKU • kennisdeling/disseminatie Dit gebeurt door middel van gesprekken/interviews, observatie, theoretische reflectie en de praktijk van de postdoc zelf: dit betreft zowel zijn onderwijs- en begeleidingspraktijk, als zijn artistieke onderzoekspraktijk in het project In Search of Stories van het lectoraat Performatieve Maakprocessen en actieve deelname aan de Werkplaats Muzische Professionalisering. Alle activiteiten van dit project zullen gebruik maken van het netwerk binnen de HKU. De postdoc leidt dit proces, maar werkt geenszins alleen: Hij werkt samen met de betrokken docenten en onderzoeksbegeleiders op de diverse opleidingen, CvOI en de HKU onderzoekseenheid , waaronder ook de andere postdoc onderzoeker op het gebied van Methodologie Maakonderzoek. De primaire relevantie en impact van het project ligt in de manier waarop onderzoek wordt aangepakt en uitgevoerd en op het gebied van de didactiek van onderzoeksmethodologie. Dit geldt voor de context van HKU en tegelijkertijd voor het breder (inter)nationaal kennisdomein.