Het ministerie van Economische zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I, thans EZ) heeft in 2012 het Lectoraat Welzijn van Dieren (Hogeschool VHL, Leeuwarden) gevraagd meer inzicht te verschaffen in de beweegredenen van mensen die kiezen voor een dier met een hoog welzijns- en gezondheidsrisico. Deze vraag werd gesteld vanuit het beleidsvoornemen deze groepen te bereiken met voorlichting aangaande de risico’s en alternatieven. De auteurs van het rapport doen meerdere aanbevelingen om particulieren te bereiken ter voorkoming van welzijnsproblemen bij hun huisdieren. Zij adviseren o.a. een cross-mediale aanpak waarin (aankomende) diereigenaren via verschillende kanalen en op verschillende manieren worden geïnformeerd over het houden van dieren. Ook bevelen de auteurs aan het gedrag van de diereigenaar bespreekbaar te maken in de discussie over het houden van ‘risicovolle’ dieren.
Toelichting op de oprichting van het lectoraat 'Geïntegreerd natuur- en landschapsbeheer' van hogeschool Van Hall Larenstein en beschrijving van twee casussen waarin wordt nagegaan of en hoe geïntegreerde landschapsontwikkeling werkt in de praktijk.
Vanaf februari 2024 tot en met mei 2024 is een onderzoek uitgevoerd als afstudeeropdracht voor de opleiding Archeologie aan de hogeschool Saxion te Deventer. Het doel van het onderzoek was het maken van een inventarisatie van de sporen van de bezettingstijd binnen de gemeente Den Haag. Daarnaast is ook een adviesrapport opgesteld over hoe de gemeente haar beleid kan verbeteren met betrekking tot restanten uit de bezettingstijd De inventarisatie is uitgevoerd naar restanten van de Duitse Atlantikwall en het daarmee samenhangende Neue Landfront. Deze restanten zijn beschreven, ingedeeld per complex en onderzocht op hun aanwezigheid in het landschap. De inventarisatie was belangrijk voor de gemeente Den Haag, omdat deze kennis niet aanwezig was. Hierdoor is het voor de gemeente niet altijd makkelijk om een besluit te nemen, over hoe om te gaan met deze restanten. Dit heeft de afgelopen jaren geleid tot het slopen van verschillende restanten. Het huidige onderzoek richtte zich op de gemeente Den Haag en een klein gedeelte van de gemeente Wassenaar, omdat een stuk van Wassenaar deel uitmaakte van de voormalige Stützpunktgruppe Scheveningen. Het onderzoek is uitgevoerd op basis van de hoofdvraag: “Welke restanten van de Atlantikwall dienen te worden opgenomen in het archeologiebeleid van de gemeente Den Haag?”
Former military fortifications are often repurposed for tourism and recreation. While some of over 100 Dutch forts are recognized as UNESCO World Heritage sites, a substantial number are currently underdeveloped, putting their cultural and natural heritage at risk. Developing these forts in a conscious and collaborative way promises to not only preserve their heritage value, but also facilitate enjoyable and healthy experiences for visitors. Moreover, under-developed forts provide an opportunity to solve another pressing challenge, namely overtourism. Visitor pressure at tourist attractions has led the Netherlands Board of Tourism and Conventions to call for spreading visitors to lesser-known areas. Less-developed forts are among the most promising of these. Development initiatives depend on a transition from isolation to cooperation across sites. However, for cooperation to be effective, agencies managing these forts have indicated an urgent need for data on visitor characteristics and experiences. The purpose of the present project is to measure and analyze visitor demographics, motivations, and experiences at less-developed forts, and to develop a toolkit to inspire, support, and monitor development of these forts for natural and cultural heritage preservation and improved visitor experience. This proposal builds on the previous project, “Experiencing Nature” which utilized Breda Experience Lab technologies to measure visitor experiences at Fort de Roovere. We now aim to broaden this proven approach to a broader variety of forts, and to translate visitor data into actionable advice. The consortium includes a changemaking network of the Alliantie Zuiderwaterlinie (NL), Regionale Landschappen (VL), and Agentschap Natuur en Bos (VL). This Dutch-Flemish network aims to connect formerly isolated forts to one another, and represents a broad diversity of fortified sites, each with unique challenges. The project will thus facilitate interregional collaboration, especially toward coming Interreg EU proposals, and inform interregional marketing campaigns and planning for management and conservation.
Historical sites, specifically former military fortifications, are often repurposed for tourism and recreation. While some of over 100 Dutch forts are recognized as UNESCO World Heritage sites, a substantial number are currently underdeveloped, putting their heritage value and biodiversity at risk. This demands action, as forts are well-positioned to relieve overtourism in other locations, responding to the Netherlands Board of Tourism and Convention's call to spread visitors to lesser-known areas. Furthermore, developing lesser-known fort sites could provide tourism and recreation opportunities near populated areas, thus contributing to the well-being not only of visitors but also the environment. Development initiatives depend on a transition from isolation to cooperation across sites. However, for cooperation to be effective, enterprises and agencies managing these forts still lack data regarding visitor expectations and experiences. We will employ a multidisciplinary approach to capturing visitor demographics, motivations, and experiences, through conducting quantitative questionnaires, lab-driven physiological experience measurement, and location tracking. This proposal builds on the previous project, “Experiencing Nature”, funded by Centre of Expertise in Leisure, Tourism, and Hospitality, which utilized Breda Experience Lab technologies to explore visitor experiences at Fort de Roovere. In sum, the purpose of the present project is to measure and analyze visitor demographics, motivations, and experiences at less-developed forts, and to develop a toolkit to inspire, support, and monitor development of these forts for heritage preservation, visitor experience, and biodiversity. The project will be conducted in collaboration with Flemish partners, thereby forming the consortium comprised of the Alliantie ZuiderWaterlinie (NL), Regionale Landschappen (VL), and Agentschap Natuur en Bos (VL), with support from municipalities in both countries. The project will promote regional synergies and facilitate long-lasting cross-border collaboration, especially toward coming Interreg EU proposals, whilst informing the design of interregional marketing campaigns and supporting planning for visitor flows and biodiversity conservation efforts. Collaborative partnersNHL Stenden, Alliantie Zuidwaterlinie, RLRL, Agentschap Natuur en Bos.
Het (mee)denken over de toekomst van ons erfgoed is inmiddels een breed maatschappelijk debat. Ideeën over de definities, het behoud en het waarderen van erfgoed veranderen snel. Tijdens hun opleiding ontwikkelen masterstudenten een mening in dit debat in een theorievak (AR1LA061) van de mastertrack Landscape architecture (TUD). In het vervolgvak (AR3LA011) wordt de studentenworkshop ingezet om een locatie specifieke ontwerpvisie te ontwikkelen, als vorm van ‘research-by-design’. Het doel is om studenten lokale vragen te leren uitwerken. Deze locatie specifieke ontwerpvisies leveren na analyse ook nieuwe generieke informatie op, die begeleiders van studentenworkshops nog onvoldoende gebruiken in meer theoretische vragen over het definiëren, waarderen en transformeren van erfgoed. Dit onderzoek wil bijdragen aan het gebruiken van ontwerpvisies voor verbetering van de algemene erfgoedkennis van eigenaren, gemeenten en landschapsarchitectuuropleidingen. Dit onderzoek wil voorzien in handvatten om dergelijke analyses te onderbouwen en zo bij te dragen aan een rijke leeromgeving. Het doel van het voorgestelde onderzoeksproject is om met handvatten te komen hoe de ontwerpvisies van studentenworkshops kunnen worden benut in het verzamelen van kennis over definiëren, waarderen en transformeren van (landschappelijk) erfgoed. Dit onderzoek kent drie pijlers; een literatuurstudie naar dergelijke studentenworkshops in onderwijs (design charettes), een analyses van twee eerdere workshops (op basis van interviews met betrokkenen) en het toepassen van inzichten uit de eerste twee pijlers in een nieuw te organiseren workshop voor het living lab Zuiderwaterlinie in de Landschapstriënnale 2020. De Zuiderwaterlinie is een linie van forten, steden en inundatievelden door heel Noord-Brabant (afbeelding 1). Tegenwoordig is deze militaire verdedigingslinie een drager voor een nieuw te ontwikkelen recreatief en vitaal erfgoedlandschap. Breda heeft vitaliteit als speerpunt aangewezen in City Deals Kennis Maken. In dit onderzoek werkt de TU Delft samen met de gemeente Breda, het projectbureau Zuiderwaterlinie, Staatsbosbeheer en de universiteit Wageningen.