Purpose – This paper aims to develop an understanding of the potential for application of facilities management concepts and principles in the context of the “zoo sector”. Design/methodology/approach – The paper is a conceptual one and begins with a narrative designed to provide sufficient background to understanding key issues relevant to the practice of facilities management in zoological and similar institutions, including the implications of conservational/scientific and display imperatives of zoological facilities for facilities management. We then consider how these issues can be worked through in the context of four broad dimensions of facilities management: strategies for the management of stakeholder behaviour (non-human animals, personnel and visitors); building and environmental design (including space usage); safety, security and health; and “miscellaneous” services. The paper concludes by providing a provisional framework for further research into facilities management in the zoo sector. Findings – As a conceptual paper, there are no empirical findings. Conceptually, the paper offers an initial and simple framework for interpreting the possible application of facilities management in zoological and related facilities. Originality/value – In a search of the two principal journals in the field of facilities management, nothing could be found of direct relevance to the management of facilities in zoological and similar organizations. This paper is thus a singular contribution to the field. Conceptually, the authors attribute neglect of the topic to the distinctive traditions in the study of facilities management, which, at the risk of caricature, emphasise either the pre-eminence of a building and building services approach to facilities management, or an approach which is almost exclusively focused on the “human” dimensions to the discipline.
LINK
3D-printen is inmiddels een volwassen productietechniek en wordt ook steeds meer ingezet voor medische toepassingen, omdat het voor medisch specialisten steeds meer vanzelfsprekend wordt dat zorg wordt afgestemd op de behoeften en wensen van de patiënt. Ook de therapeutische wereld volgt deze ontwikkelingen en willen hier meer mee doen, om zo hun patiënten optimaal te kunnen helpen. De bottlenecks voor het daadwerkelijk implementeren van 3D-printen in het alledaagse proces van de podotherapeut zitten voornamelijk in de kostprijs, snelheid van produceren, beperking aan goede materialen en de onmogelijkheid om de geprinte zool nadien aan te passen. Daarnaast zorgt de diversiteit aan mogelijkheden voor een diffuus beeld voor de podotherapeutische bedrijven omtrent wat nu de juiste productietechniek en het juiste materiaal is om te gebruiken. De praktijkvraag die in dit project beantwoord wordt is: In welke situatie is welke materiaal-productieproces combinatie van de 3D-printtechniek geschikt voor podotherapeutische zolen? Middels gebruiksonderzoek en scenario’s worden de eisen en wensen van de podotherapeuten achterhaald, welke worden gekoppeld aan de uitkomsten van het literatuuronderzoek. Deze ontwerp-proces-materiaal-combinaties worden experimenteel getest en verbeterd. Aan de hand van de uitkomsten worden ontwerp-afhankelijke richtlijnen opgesteld voor de podotherapeuten om zo een goede materiaal-proces selectie te kunnen maken voor het gebruik van 3D-printen voor podotherapeutische zolen.
Deze subsidieaanvraag richt zich op het onderzoeken van de hergebruikmogelijkheden van structuren van incourante kantoorgebouwen. Grofweg 10% van alle leegstaande kantoorgebouwen is incourant. De structuren van deze gebouwen (de constructies) zijn echter meestal niet incourant en in de meeste gevallen technisch niet verouderd. Deze structuren kunnen worden ingezet als dragers voor nieuwe ontwikkelingen die aansluiten op de groeiambities van de metropoolregio Amsterdam. Op deze manier kan de levenscyclus van deze structuren worden verlengd en kunnen de grondstofstromen voor constructiematerialen worden gereduceerd. Het werkveld geeft aan behoefte te hebben aan gedetailleerde technische gegevens over deze structuren en gedetailleerd inzicht in functiemogelijkheden om op basis daarvan scenario’s te ontwikkelen om tot verdienmodellen te komen. In samenwerking met ABT en ABC Nova wordt voor 15 casestudies binnen de metropoolregio Amsterdam de structuur geïnventariseerd. Vervolgens worden voor deze gebouwen de functiemogelijkheden onderzocht. Dit project leidt tot gedetailleerde kennis over bestaande structuren en vormt daarmee de eerste stap in een te ontwikkelen 4D structurenatlas met functiemogelijkheden. De beoogde uitkomsten kunnen dienen als randvoorwaarden voor vervolgonderzoek naar een groter aantal te onderzoeken structuren en functiemogelijkheden. Ook kan naar aanleiding hiervan worden ingezoomd op specifieke constructietypen en functies.
CROSS. Een modieuze veiligheidsschoen die bedoeld is voor vrouwen. Deze schoen is ideaal voor vrouwen die moeten wisselen van schoeisel en dit zat zijn. De CROSS schoen zal een compromisloze veiligheidsschoen worden waarbij gekeken wordt naar comfort, stijl én veiligheid in plaats van het conventionele principe: op de eerste plaats veiligheid en daarna comfort en geheel verwaarloosbaar de stijl van de schoen. De CROSS veiligheidsschoen onderscheidt zich door haar veilige, tijdbesparende en representatieve modieuze look gedurende de gehele dag.