A good working relationship between clients and professionals increases the chances of better intervention outcomes for clients. A longitudinal cohort study was carried out amongst clients who were in touch with professionals from a Dutch social street work (SSW) organisation. We used a questionnaire to examine client perspectives (n = 332) on the relational and goal-oriented part of the working relationship after a minimum of 8 months of contact with SSW. We furthermore examined to what extent both parts of the working relationship were influenced by client characteristics and SSW metrics. Clients were asked to reflect on the relational part and the goal-oriented part of the working relationship. Clients who only met SSW professionals in public areas perceived a weaker working relationship in both aspects. A stronger relational and goal-oriented working relationship was perceived when receiving more practical support. Clients who had been in contact with an SSW professional for a long period of time perceived a weaker goal-oriented working relationship. This study shows that a working relationship, with both relational and goal-oriented aspects, can be established between workers and marginalised people in their daily environment. Frequent contact and providing practical support can improve both parts of the working relationship. Please refer to the Supplementary Material section to find this article's Community and Social Impact Statement.
MULTIFILE
We study the relation between formal incentives and social exchange in organizations where employees work for several managers and reciprocate a manager’s attention with higher effort. To this end we develop a common agency model with two-sided moral hazard. We show that when management attention is not contractible, the first-best can only be achieved by granting autonomy to employees together with incentive pay for both managers and employees. When neither attention nor effort are contractible, an ‘attention race’ arises, as each manager tries to sway the employee’s effort his way. While this may result in too much social exchange, the attention race may also be a blessing because it alleviates managers’ moral-hazard problem in attention provision. Lastly, we show how organizational structure can be used to motivate managers and employees in the absence of formal incentives.
LINK
PurposePhysical stores are increasingly dependent on impulse visits and the impulse purchases of passers-by. Interactive advertising screens in store windows could help retailers increase impulse-visit urges and impulse-buying urges. However, the effects of interactive screens in physical surroundings have not been studied before. Therefore, this study aimed to examine the effect of interactive screens on impulse urges and gain insight into the underlying mechanism that explains the possible effect.Design/methodology/approachAn interactive screen was placed in a store window. Using three field experiments, we studied the effect of interactivity-level (high vs low) on the impulse-visit and impulse-buying urges of passers-by, and the mediating role of self-agency in these effects.FindingsHighly interactive (compared to less interactive) advertising screens in store windows positively affect impulse-visit and impulse-buying urges through self-agency. Retailers can therefore use interactive advertising screens to increase the number of impulse purchases if feelings of self-agency are activated.Originality/valueThis is the first study to examine the extent to which interactive screens in a store window enhance the impulse-visit and impulse-buying urges of passers-by and the mediating factor of these effects. By conducting three field experiments, we achieved a high external validity and managed to share very reliable results owing to the replication of the findings.
Sinds de corona reset wordt in de culturele en creatieve sector volop geïnnoveerd om tijdelijke sluitingen en financiële verliezen te compenseren. Aanbieders van hoogwaardige culturele programma’s, zoals presentatie-instellingen en zelforganiserende collectieven, coördineren in hoog tempo digitale expositieruimtes, livestreams en online debatten, waarmee ze hun bestaande (offline en lokale) en nieuwe (online en mondiale) publiek bedienen. Soms ook tegelijkertijd, in een hybride evenement; met een beperkt live publiek én een onbeperkt aantal online bezoekers. Hoe zorgen zij dat beide groepen bij deze livecastings een gelijkwaardige ervaring hebben? En hoe benutten ze de potentie van dit opgenomen materiaal voor publicatie en blijvende publieksinteractie in hun digitaal (web)archief? Ad hoc coronaoplossingen behoeven nu toekomstbestendige doorontwikkeling. Met MKB’ers ontwikkelen we een langetermijnvisie op off/online kennisdeling van hun culturele aanbod, op voorwaarden van duurzaamheid en technologische onafhankelijkheid in het beheer en de data-opslag van hun gepubliceerde materiaal. Verregaande digitalisering en klimaatoverwegingen geven namelijk naast corona urgentie aan een visie op hybride programmering. In het onderzoek worden werkende principes ontwikkeld voor een langetermijnvisie op een hybride en kwalitatief hoogwaardig programma-aanbod, met het oog op het bedienen van nieuw en bestaand publiek na de corona reset, via participatieve livecasts van evenementen, de samenhangende verslaglegging daarvan middels publicaties die uiteindelijk in levende archieven te komen: Om het knelpunt van ‘schermmoeheid’ bij eindgebruikers van programma-aanbod te voorkomen, ontwikkelen we werkende principes in het oplossingsgebied ‘participatieve livecasting’, om de succespijler ‘gezamenlijke publiekservaring bij online evenementen’ te bewerkstelligen. Om het knelpunt van ‘gefragmenteerde informatievoorziening’ bij programma-aanbieders te voorkomen, ontwikkelen we werkende principes in het oplossingsgebied ‘hybride publicaties’, om de succespijler ‘samenhang in off/online programma-aanbod’ te bewerkstelligen. Om het knelpunt van een ‘reactieve houding’ bij programma-aanbieders te voorkomen, ontwikkelen we werkende principes in het oplossingsgebied ‘levende archieven’, om de succespijler van een ‘anticiperende houding in de werkwijze van programma-aanbieders’ te bewerkstelligen.