Steeds vaker worden digital twins gebruikt om de publieke ruimte anders te organiseren. Dat heeft invloed op het welzijn van burgers. Maar de meeste burgers hebben weinig kennis over die technologie, zien Anne-Marie Sweep, Brishna Nader en Bart Wernaart. Hoe bevraag je hen dan toch over wat ze wel of niet met digitaltwin-technologie willen?
LINK
Case report. Dossiernummer 405-17-720 In deze studie onderzochten we de opzet en inhoud van professionalisering van leraren in basis- en voortgezet onderwijs aan nieuwkomers-kinderen in Zweden en Vlaanderen. Dit deden we tegen de achtergrond van zorgen in Nederland rond de kwaliteit van onderwijs aan deze doelgroep. Opleiding en van leraren maakt deel uit van deze bredere problematiek. De centrale onderzoeksvraag was: Hoe wordt in Zweden en Vlaanderen vorm en inhoud gegeven aan de professionalisering van leraren die onderwijs verzorgen aan nieuwkomers, en welke aanknopingspunten biedt dit voor Nederland? Om niet alleen de opzet van professionalisering op hoofdlijnen, maar ook de inhoud aandacht te kunnen geven, werden drie inhoudelijke professionaliseringsthema’s nader onder de loep genomen waarop vanuit de discussies rond 'Ruimte voor nieuwe talenten' (Schrijfgroep LPTN, 2017) een duidelijke scholingsbehoefte in het veld bestond: (1) de intake van nieuwkomers; (2) de verhouding tussen onderwijs in de tweede taal en de positie van moedertalen; (3) de methodiek van tweede-taalonderwijs. Het onderzoek werd uitgevoerd via een combinatie van deskresearch, interviews met sleutelpersonen uit beleid, professionalisering en wetenschap, en praktijkbezoeken. Het analysekader, tussentijdse bevindingen en eindresultaten zijn op drie momenten voorgelegd aan Nederlandse referenten die een rol spelen bij beleid, professionalisering, praktijk en wetenschap, om de betekenis voor Nederland gezamenlijk met betrokkenen te kunnen duiden.
Onderwijsvernieuwingen zijn vaak weinig succesvol. De reden is vaak onduidelijk. “We weten weinig over waarom iets wel of niet werkt”, stelt dr. Kristin Vanlommel, lector Organiseren van Verandering in Onderwijs bij Hogeschool Utrecht. Ondersteuning, monitoring en professionalisering kunnen volgens haar leiden tot minder veranderen maar wel met meer succes.
Evidence-informed veranderen in het onderwijs draait om de combinatie en integratie van school- en/of systeemgegevens, onderzoeksdata en ervaringskennis voor het nemen van onderbouwde (verander)beslissingen die passen bij de context. Dat blijkt moeilijk in de praktijk. Een systematisch overzicht van belemmerende en bevorderende factoren ontbreekt echter: wat werkt (niet)?Doel De beïnvloedende factoren voor evidence-informed veranderen in het onderwijs worden in kaart gebracht. Het overzicht biedt onderwijsprofessionals handvatten voor het versterken van evidence-informed veranderen. Zo kunnen (de onderliggende oorzaken van) problemen worden geïdentificeerd en passende veranderstrategieën worden ontworpen en geïmplementeerd, met als doel het effectief en duurzaam organiseren van veranderingen in het onderwijs. Resultaten Een eindrapport met een overzicht van de factoren die evidence-informed veranderen in het onderwijs beïnvloeden Een kennisclip waarin de belemmerende en bevorderende factoren voor evidence-informed veranderen in het onderwijs wordt gepresenteerd Een podcast waarin de beïnvloedende factoren voor evidence-informed veranderen in het onderwijs wordt toegelicht Looptijd 09 januari 2022 - 31 augustus 2023 Aanpak Met een thematische overzichtsstudie worden de belemmerende en bevorderende factoren voor evidence-informed veranderen in het onderwijs in kaart gebracht. Daarvoor worden wetenschappelijke en praktijkpublicaties uit verschillende domeinen systematisch bestudeerd en gezamenlijk met (inter)nationale experts geduid.
Het consortium ‘iXpact: Gepersonaliseerd leren met en over ict’ richt zich op het verbeteren van onderwijs en (leraren)opleidingen met behulp van ict en tbv de digitale samenleving. Digitalisering in het onderwijs is een complexe innovatie die vraagt om een integrale benadering en transformatief leren op alle niveaus in de onderwijsorganisatie. De centrale focus van het iXpact-consortium, dat wat praktijkpartners, lerarenopleidingen en onderzoekers verbindt, is de vraag hoe (aankomend) onderwijsprofessionals effectief kunnen worden toegerust en ondersteund voor deze innovatie. Het consortium iXpact heeft tot doel om reeds aanwezige kennis sectordoorsnijdend (po, vo, mbo, hbo) te bundelen en verder uit te bouwen en met die kennis de onderwijspraktijk en lerarenopleidingen beter te voeden. iXpact richt zich op het organiseren van de processen die nodig zijn om bestaande kennis (verder) toepasbaar te maken in de praktijk ten behoeve van de onderwijsprofessionals (leraren/docenten, lerarenopleiders, leidinggevenden) en de processen die nodig zijn om de vraagarticulatie ten behoeve van nieuwe onderzoeksvragen te versterken en de benodigde onderzoeksexpertise bijeen te brengen. Het doel is dat bestaande en nieuwe onderzoeksresultaten méér zichtbaar effect hebben in de schoolorganisaties en lerarenopleidingen en beter bijdragen aan de beoogde onderwijsinnovatie met ict. iXpact bouwt voort op de verbinding van het iXperium/Centre of Expertise Leren met ict van de HAN in structurele regionale en/of sectorale samenwerkingen en langlopende projecten. In deze samenwerkingsverbanden en projecten participeren vele onderwijspartners in po, vo en mbo, lerarenopleidingen, diverse hogescholen en onderzoekspartners. Het consortium beoogt deze verbinding te versterken in een landelijke, sectoroverstijgende structurele kennisinfrastructuur. Om dat te realiseren bouwt iXpact aan: een kennisorganisatie rond het thema van lectoren, practoren, universitair en overige onderzoekers met een gerichte kennisagenda als basis voor het ontsluiten van kennisproducten en nieuw onderzoek; een landelijke, sectoroverstijgende community van onderwijspraktijk, lerarenopleidingen en onderzoek; professionalisering en een netwerk van kartrekkers, leidinggevenden en procesbegeleiders/onderzoekers.
LEVV-LOGIC presenteert een voorstel voor onderzoek naar de inzet van lichte elektrische vrachtvoertuigen (LEVV’s) voor de levering van goederen in steden. In dit project ontwikkelen de Hogeschool van Amsterdam en Hogeschool Rotterdam samen met logistiek dienstverleners, verladers en voertuigaanbieders uit het mkb, netwerkorganisaties, kennisinstellingen en gemeenten nieuwe kennis over logistieke concepten en business modellen met LEVV met als doel de rendabele inzet van LEVV’s in stadslogistiek. De doelstelling komt voort uit een vraag van logistiek dienstverleners uit het mkb. Zij willen LEVV’s inzetten, maar weten niet hoe ze dit rendabel kunnen doen omdat de huidige logistieke processen in de keten afgestemd zijn op de inzet van bestel- en vrachtvoertuigen. Voor overstap naar LEVV’s dienen de logistieke processen anders georganiseerd te worden, want de voertuigen zijn kleiner in omvang en hebben een andere laad- en energievoorziening. Daarnaast is onvoldoende duidelijk voor welke stadslogistieke stromen LEVV’s geschikt zijn en aan welke technische eisen de voertuigen moeten voldoen. Verladers (verzenders van goederen) en voertuigaanbieders zijn actief betrokken bij de uitvoering van het onderzoek om afstemming met de marktvraag en de techniek te garanderen. De projectdeelnemers delen de ambitie om met LEVV’s een bijdrage te leveren aan regionale, nationale en Europese doelstellingen om stedelijk goederenvervoer efficiënter en schoner (“zero emissie”) te organiseren. Het project draagt hier aan bij door middel van vijf activiteiten. De deelnemers in LEVV-LOGIC: 1. onderzoeken de potentie van LEVV voor specifieke stadslogistieke stromen (waaronder food-, webwinkel-, en facilitaire leveringen); 2. ontwerpen nieuwe logistieke concepten met LEVV voor de distributie van goederen van verzender naar ontvanger; 3. vertalen logistieke vereisten naar technische ontwerpen en aanpassingen aan bestaande LEVV’s; 4. experimenten met nieuwe LEVV-concepten in de praktijk; 5. ontwikkelen schaalbare business modellen met LEVV’s. Het project verzekert een sterke relatie met praktijk en wetenschap, omdat zij via haar deelnemers verbonden is aan de Topsector Logistiek, de Green Deal Zero Emissie Stadslogistiek, de Europese federatie voor Cycle Logistics en de Europese onderzoeksprojecten FREVUE (FP7) en CITYLAB (Horizon2020). Via de betrokkenheid van drie lectoren en zes opleidingen van twee hogescholen wordt een brede inzet van de resultaten in het onderwijs gerealiseerd. LEVV-LOGIC hanteert een multidisciplinaire aanpak met aandacht voor de rol van logistiek, techniek, beleid en gedrag. Hiermee versterkt het project professionals van nu en van de toekomst met kennis om problemen in stadslogistiek op te lossen.