Deze toolkit is door Noorderwind opgesteld naar aanleiding van het eHealth Gilde business case traject dat georganiseerd werd van 09.09.2021 tot 21.10.2021. Dit traject werd geörganiseerd naar aanleiding van het eHealth Gebruikers Gilde. In het eHealth Gebruikers Gilde werken ondernemers met ouderen, familie en verzorgenden samen aan de succesvolle inzet en vermarkting van moderne ondersteunende technologie. Het project biedt een open werk- en leeromgeving waarin innovatieve eHealth toepassingen worden ervaren, geco-creëerd en geïntegreerd op weg naar de gewenste cultuuromslag en zorgvernieuwing. Tijdens de geplande sessies zijn deelnemende ondernemers in gesprek gegaan met experts om hun nieuwe of aanvullende business model te valideren volgens de stappen die in dit document zijn opgenomen. Deze toolkit kan gebruikt worden om alvast te oriënteren op het business case traject of als naslagwerk op de gevolgde cursus. In deze toolkit is informatie opgenomen vanuit de bronnen en gesprekken met experts die tijdens de sessies zijn aangeleverd, met extra informatie bijgevoegd om (potentiële) deelnemers te helpen met het maken van doeltreffende beslissingen. Mocht er informatie tussenstaan die verouderd is of om andere redenen niet meer klopt, schroom dan niet om contact op te nemen met info@gezondheidfabriek.nl. Om het document chronologisch te volgen bekijkt men eerst de video, met de presentatie van Sander Holterman, lector Hogeschool Windesheim, waarna men zich verder kan oriënteren op de vijf routes. Deze informatie is onder andere afkomstig van innovatieroutesindezorg.nl, ontwikkeld door het lectoraat ICT innovaties in de Zorg, Hogeschool Windesheim. Na zich op deze routes geörienteerd te hebben kan een of meerdere van de routes gevalideerd worden door de worksheets in te vullen. Hierbij is het verstandig om bij stap 1 (de persona) te beginnen, zodat alle informatie verzameld kan worden. Na het afnemen van de interviews kan dan een gevalideerd business model ingevuld worden. Het business case traject, alsmede deze toolkit, is vormgegeven in opdracht van het eHealth Gebruikers Gilde, welke gesubsidieerd werd door Kansen voor West. Kansen voor West is het gezamenlijke investeringsprogramma van de vier Randstadprovincies en de vier grote steden. Het zet EFRO subsidie in voor economische groei. Het project het eHealth Gebruikers Gilde krijgt een EFRObijdrage van € 886.360. Het programma waarin onder andere dit programma tot stand gekomen is loopt van 12.12.2017 tot en met 31.12.202.
MULTIFILE
Welke keuzes maak jij als tentoonstellingsmaker om de inhoud te vertalen naar het uiteindelijke tentoonstellingsontwerp? In deze toolkit (Ruyg, Schrandt, Hallema & Kuijper, 2019), krijgen (toekomstige) tentoonstellingsmakers inzicht in de keuzes die zij maken bij de inrichting van een fysieke ruimte en worden verwachtingen en aannames over de werking van (de samenhang van) die elementen op de bezoekers geëvalueerd. In 2020 zal een digitale variant van de toolkit verschijnen.
MULTIFILE
Introduction Physical activity levels of children with disabilities are low, as these children and their parents face a wide variety of both personal and environmental barriers. Behavior change techniques support pediatric physical therapists to address these barriers together with parents and children. We developed the What Moves You?! intervention Toolkit (WMY Toolkit) filled with behavioral change tools for use in pediatric physical therapy practice. Objective To evaluate the feasibility of using the WMY Toolkit in daily pediatric physical therapy practice. Methods We conducted a feasibility study with a qualitative approach using semi-structured interviews with pediatric physical therapists (n = 11). After one day of training, the pediatric physical therapists used the WMY Toolkit for a period of 9 weeks, when facilitating physical activity in children with disabilities. We analyzed the transcripts using an inductive thematic analysis followed by a deductive analysis using a feasibility framework. Results For acceptability, pediatric physical therapists found that the toolkit facilitated conversation about physical activity in a creative and playful manner. The working mechanisms identified were in line with the intended working mechanisms during development of the WMY Toolkit, such as focusing on problem solving, self-efficacy and independence. For demand, the pediatric physical therapists mentioned that they were able to use the WMY Toolkit in children with and without disabilities with a broad range of physical activity goals. For implementation, education is important as pediatric physical therapists expressed the need to have sufficient knowledge and to feel confident using the toolkit. For practicality, pediatric physical therapists were positive about the ease of which tools could be adapted for individual children. Some of the design and materials of the toolkit needed attention due to fragility and hygiene. Conclusion The WMY Toolkit is a promising and innovative way to integrate behavior change techniques into pediatric physical therapy practice.
LINK
The pace of technology advancements continues to accelerate, and impacts the nature of systems solutions along with significant effects on involved stakeholders and society. Design and engineering practices with tools and perspectives, need therefore to evolve in accordance to the developments that complex, sociotechnical innovation challenges pose. There is a need for engineers and designers that can utilize fitting methods and tools to fulfill the role of a changemaker. Recognized successful practices include interdisciplinary methods that allow for effective and better contextualized participatory design approaches. However, preliminary research identified challenges in understanding what makes a specific method effective and successfully contextualized in practice, and what key competences are needed for involved designers and engineers to understand and adopt these interdisciplinary methods. In this proposal, case study research is proposed with practitioners to gain insight into what are the key enabling factors for effective interdisciplinary participatory design methods and tools in the specific context of sociotechnical innovation. The involved companies are operating at the intersection between design, technology and societal impact, employing experts who can be considered changemakers, since they are in the lead of creative processes that bring together diverse groups of stakeholders in the process of sociotechnical innovation. A methodology will be developed to capture best practices and understand what makes the deployed methods effective. This methodology and a set of design guidelines for effective interdisciplinary participatory design will be delivered. In turn this will serve as a starting point for a larger design science research project, in which an educational toolkit for effective participatory design for socio-technical innovation will be designed.
Een vraagarticulatieproces met projectmanagers en -leiders uit private en Triple-Helix organisaties laat zien dat zij behoefte hebben aan tools voor: 1. Het bepalen van de juiste incentives om stakeholders actief te betrekken in multi-sector collaboratieve innovatieprojecten (verder verwezen als innovatieprojecten), en 2. Het concreet, transparant en op één lijn te krijgen van de belangen van de partners. Vandaar dat dit project betreft het doorontwikkelen van het Degrees of Engagement diagram (DoE-diagram), een tool voor het managen van stakeholder engagement in innovatieprojecten voor het behalen van de maatschappelijke opgaven. Hiermee sluit het project aan bij de programmalijn ‘rollen, belangen en coördinatie’ van de Kennis en Innovatieagenda van de missie Maatschappelijke Verdienvermogen- thema’s Klimaat & Energie en Circulaire economie. Het consortium bestaat uit de Hogeschool van Amsterdam (HvA), KplusV en Amsterdam Smart City (ASC). De HvA ontwikkelde het DoE-diagram. Voor het identificeren van stakeholders bevat het DoE-diagram attributen op project- en organisatieniveau. In dit project wordt het DoE doorontwikkeld door onderzoek te doen naar: 1. De attributen op individuniveau en potentiele nieuwe attributen op project- en organisatieniveau, 2. De mate waarin deze attributen invloed hebben op het bepalen van de passende incentives, de concretisering van de partnerbelangen en al dan niet succesvolle verloop van innovatieprojecten, 3. Een verkenning van een digitale versie van het DoE voor het managen van in- en uitstappen van partners. Hiermee beoogt het project twee doelen: 1. Inzicht verkrijgen in stakeholderconfiguraties voor het ondersteunen van beslissingen met betrekking tot stakeholder-engagement, 2. Bouwen van een consortium van partijen die vervolg aan het project gaan geven door longitudinaal onderzoek te doen naar de inzet van de uitbreiding van het DoE-diagram en het maken van een werkend prototype en testen van de digitale versie ervan.
Kwaliteitscontroles in productieprocessen in de maakindustrie zijn vaak destructief en daarmee niet duurzaam. In dit project onderzoeken we hoe door toepassing van process mining op real time sensor data de kwaliteitscontrole al tijdens het productieproces kan worden uitgevoerd en potentiële problemen vroegtijdig ontdekt.Doel Het doel van het project is om op basis van realtime data de kwaliteit van het eindproduct van het productieproces te kunnen voorspellen en waar nodig het productieproces bij te sturen. Hiermee kan de industrie duurzamer werken. Resultaten Het project levert een AI software toolkit op met methoden en algoritmen voor toepassing in de productieprocessen in verschillende industrieën. Looptijd 15 januari 2021 - 15 november 2024 Aanpak Nieuwe process mining algoritmes worden ontwikkeld en getoetst in case studies bij verschillende industriële bedrijven. Op basis van de uitkomsten wordt een software toolkit ontwikkeld voor toepassing in de praktijk. Impact op onderwijs Studenten van instituut voor ICT gaan, samen met studenten van TU Eindhoven, cases studies uitvoeren bij verschillende industrieën. Cofinanciering Het project wordt gefinancierd door NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek).